SRU-K1-2015-10

  • Instantie Kantongerecht Eerste Kanton
  • Zaaknummer AR-150064
  • Uitspraakdatum 04 juni 2015
  • Publicatiedatum 03 juli 2019
  • Rechtsgebied Civiel recht
  • Inhoudsindicatie

    Kort geding leent zich niet voor het diepgaand onderzoek dat noodzakelijk is in geval van een betwisting van de echtheid van de overgelegde documenten als in onderhavige zaak.

Uitspraak

Kantonrechter in Kort geding
A.R. no. 150064
4 juni 2015

Vonnis in de zaak van

[eiser], handelende onder de naam New Line Construction, wonende te Paramaribo,
gemachtigde:  mr. R. Denz, advocaat,
eiser in kort geding,

tegen

DE STAAT SURINAME, rechtspersoon, gevestigd en kantoor houdende te Paramaribo,
gedaagde in kort geding,
gemachtigde: voorheen mr. D. Moerahoe, advocaat, thans: mr. E. Mohangoo, jurist verbonden aan het Buro Landsadvocaat.

1. Het proces verloop:
1.1. Dit blijkt uit de volgende processtukken:
– het verzoekschrift, met producties, dat op 7 januari 2015 ter griffie der kantongerechten is ingediend,
– de conclusie van antwoord,
– de conclusie van repliek,
– de conclusie van dupliek.

1.2  De uitspraak van het vonnis in kortgeding is bepaald op heden.

2. De feiten
2.1 Bij schrijven van 29 december 2014 heeft eiser aan gedaagde medegedeeld dat hij voor een waarde van SRD.2.493.970,= diensten heeft verleend aan gedaagde. Gedaagde wordt in dat schrijven gesommeerd om het verschuldigd bedrag vermeerderd met de buitengerechtelijke kosten te betalen aan eiser.

2.2 Aan deze sommatie heeft gedaagde geen gevolg gegeven.

3. De vordering en de grondslag daarvan
3.1 De vordering
Eiser vordert, kort gezegd, dat de kantonrechter, bij vonnis in kortgeding, uitvoerbaar bij voorraad:
– gedaagde veroordeelt om tegen behoorlijk gewijs van kwijting aan eiseer te betalen het bedrag van SRD.2.493.900,=, vermeerderd met de wettelijke rente,
– gedaagde veroordeelt om aan eiser te betalen de buitengerechtelijke kosten en voorts
– gedaagde veroordeelt in de kosten van het geding.

3.2 De grondslag
Eiser voert als grondslag aan dat hij diensten heeft verleend ten behoeve van gedaagde en dat gedaagde door het niet voldoen van de facturen, jegens eiser wanprestatie pleegt.

3.3 Het verweer
Gedaagde heeft als verweer aangevoerd dat zij de werkzaamheden die zouden zijn aangevoerd betwist. Zij betwist tevens de overgelegde producties, waaruit zou moeten blijken dat er goedkeuring is gegeven voor de werkzaamheden en voorts waaruit zou moeten blijken dat de werken zijn opgeleverd. Gedaagde beticht de overgelegde documenten van valsheid.

4. De beoordeling
4.1 De kantonrechter overweegt dat, nu eiser stelt dat hij de werkzaamheden heeft uitgevoerd en de gedaagde deze grondslag betwist, partijen moeten worden verwezen naar de gewone wijze van rechtspleging, immers leent het kort geding zich niet voor het diepgaand onderzoek dat noodzakelijk is in geval van een betwisting zoals door gedaagde gedaan. Als gevolg van de betwisting zal moeten worden nagegaan of de overgelegde documenten echt zijn, gedaagde stelt in haar verweer namelijk dat zij valselijk zijn opgemaakt.

4.2 De kantonrechter is van oordeel dat deze zaak zich derhalve niet leent voor behandeling in kort geding en zal het gevorderde dan ook afwijzen.

5. De Beslissing
5.1 Wijst af het gevorderde;
5.2 Veroordeelt eiser in de kosten van dit geding aan de zijde van gedaagde gevallen en tot aan deze uitspraak begroot op nihil.

Aldus gewezen door mr. A.C. Johanns, kantonrechter-plaatsvervanger in kortgeding, en uitgesproken door mr. A. Charan, kantonrechter, ter openbare terechtzitting van het kantongerecht in het eerste kanton te Paramaribo van donderdag 4 juni 2015, in tegenwoordigheid van de griffier.