Op 20 mei 2026 is de strafzaak tegen de verdachten S.S., D.B., G.S., H.K., R.T., L.P., A.K., R.K. en M.M. behandeld door de kantonrechter. Deze zaak heeft betrekking op twee manspersonen van respectievelijk 64 en 47 jaar die sinds 25 mei 2024 worden vermist. Aan de verdachten zijn de navolgende strafbare feiten ten laste gelegd: deelneming aan een criminele organisatie, voorbereidingshandelingen met betrekking tot de Wet Verdovende Middelen, uitvoer van cocaïne of poging daartoe, dan wel het aanwezig hebben van cocaïne en overtreding van de Vuurwapenwet. De zaak stond voor dupliek van de verdachten S.S. en G.S..
De raadsman van de verdachten S.S. en G.S. heeft de dupliek gehouden. Hij persisteerde bij het pleidooi en vroeg wederom vrijspraak voor beide verdachten.
Hierna kregen de verdachten het laatste woord.
De raadsman van de verdachte R.K. en M.M. deed een verzoek tot opschorting van de voorlopige hechtenis van deze verdachten onder door de kantonrechter te stellen voorwaarden.
De raadsman van de verdachte G.S. deed ook een verzoek tot opheffing van de voorlopige hechtenis onder door de kantonrechter te stellen voorwaarden omdat volgens hem de verdachte langer vastzit dan de geëiste straf volgens het requisitoir.
De raadsvrouw van de verdachte D.B. deed ook een verzoek tot opheffing van de voorlopige hechtenis onder door de kantonrechter te stellen voorwaarden.
De officier van justitie vroeg de kantonrechter om de verzoeken af te wijzen.
De kantonrechter heeft de verzoeken afgewezen.
Op 8 juli 2026 zal de kantonrechter uitspraak doen in deze strafzaak.
Lees ook het vorige bericht: https://rechtspraak.sr/actualiteiten/behandeling-strafzaak-vermiste-mannen-van-25-maart-2026/
Paramaribo, 25 mei 2026
Communicatie Unit Hof van Justitie