Familie


Echtscheiding, scheiding van tafel en bed en boedelscheiding
Algemeen

Over het algemeen zijn man en vrouw in gemeenschap van goederen met elkaar getrouwd, dat wil zeggen dat de helft van alle goederen en schulden van de man aan de vrouw toebehoort en omgekeerd; men praat in de wet over een gemeenschappelijk vermogen. Als men niet in gemeenschap van goederen is getrouwd, dan hebben man en vrouw bij de notaris huwelijkse voorwaarden laten opmaken waarin staat welke goederen en schulden van wie zijn of hoe de verdeling zal plaatsvinden bij echtscheiding.

Duurzame ontwrichting

Als het huwelijk tussen twee mensen stuk is gelopen en wel zodanig dat man en vrouw niet meer in eenzelfde huis kunnen of willen wonen en ze niet op een behoorlijke manier met elkaar kunnen praten, terwijl herstel van de relatie niet meer te verwachten is, dan is het huwelijk volgens de wet duurzaam ontwricht. De man of de vrouw kan in zo een geval of een echtscheiding aanvragen of scheiding van tafel en bed.

Het belangrijkste verschil tussen een echtscheiding en een scheiding van tafel en bed is, dat bij een echtscheiding man en vrouw wettelijk niet meer getrouwd zijn, terwijl bij scheiding van tafel en bed, man en vrouw nog getrouwd zijn met elkaar. Zowel bij een echtscheiding als bij scheiding van tafel en bed ontstaat er een boedel tussen man en vrouw, voor zover zij in gemeenschap van goederen zijn getrouwd. Bij echtscheiding moet tevens voorzien worden in de voogdij over de minderjarige kinderen. Bij scheiding van tafel en bed bepaalt de rechter welke ouder met de ouderlijke macht wordt belast. Een echtscheidingsconvenant is verplicht bij scheiding van tafel en bed, terwijl dit bij echtscheiding optioneel is.

Hoe wordt een echtscheidingsverzoek ingediend?

De echtgenoot die echtscheiding of scheiding van tafel en bed wil aanvragen (de verzoeker), kan zich op de 1e, 2e, 3e en 4e donderdag van de maand tussen 08.00 en 12.00 uur (de aanbiedingsdagen) aanmelden op de Griffie der Kantongerechten Civiele Zaken voor het aanbieden van het verzoekschrift.

In het verzoekschrift worden de volledige namen en adressen van zowel de man als de vrouw vermeld, wanneer en waar het huwelijk heeft plaatsgevonden, hoeveel kinderen er zijn geboren of zijn erkend, de namen van de minderjarige kinderen en hun geboortedata. Verder moet in het verzoekschrift vermeld worden waarom volgens de verzoeker zijn/haar huwelijk is stukgelopen of anders gezegd waarom het huwelijk duurzaam is ontwricht en wat hij/zij wil dat de rechter moet beslissen.

Dit verzoekschrift moet de verzoeker persoonlijk op de aanbiedingsdag overhandigen aan de rechter samen met de volgende stukken:

  • de kwitantie (een kopie) waaruit blijkt dat het vastrecht ad SRD 30,- is betaald op de afdeling Financiële Zaken van het ministerie van Justitie en Politie (roze strookje);
  • het ondertekende verzoekschrift en twee fotokopieën daarvan;
  • een recent afschrift van de huwelijksakte of van het bewijs van huwelijksvoltrekking en een fotokopie daarvan;
  • een afschrift van de geboorteakte en een fotokopie daarvan van elk tijdens het huwelijk geboren of bij voltrekking van het huwelijk gewettigd (erkend) kind dat op het moment van indiening van het verzoek, minderjarig is;
  • als men in het buitenland was gehuwd, een bewijs van inschrijving van partijen in het bevolkingsregister van de Burgerlijke Stand, alsook een officiële vertaling van de huwelijksakte in de Nederlandse taal;
  • een afschrift van de huwelijkse voorwaarden, indien men onder huwelijkse voorwaarden is gehuwd
  • indien alimentatie voor de minderjarige kinderen wordt gevraagd, dient een overzicht van de kosten die nodig zijn voor elk kind te worden overgelegd tezamen met een staat van inkomsten en uitgaven van degene die aanvraagt en indien mogelijk ook van de andere echtgenoot.

*De afschriften van de huwelijksakte en de geboorteakten, mogen bij indiening van het verzoekschrift, niet ouder zijn dan een maand!

De normale echtscheidingsprocedure

De verzoeker krijgt bij de aanbieding van het verzoekschrift een strookje waarop de datum voor de verzoeningscomparitie staat aangegeven. De andere echtgenoot zal op die datum door de griffier worden opgeroepen met een kopie van het verzoekschrift, inclusief alle bijlagen die door de verzoeker zijn aangeboden aan de rechter. Tijdens de verzoeningscomparitie gaat de rechter na of er een mogelijk is dat man en vrouw het weer goed zullen maken met elkaar oftewel verzoenen. Als er geen verzoening mogelijk is gebleken, omdat de andere echtgenoot ondanks oproep niet is verschenen of wel is verschenen maar bezwaar heeft tegen de echtscheiding, bepaalt de rechter dat de echtscheidingsprocedure zal doorgaan en wordt ook een beschikking gegeven met betrekking tot de direct te treffen maatregelen (bijvoorbeeld maatregelen m.b.t. tot de kinderen) totdat de echtscheiding zal worden uitgesproken. De andere echtgenoot zal dan wederom worden opgeroepen door een andere rechter om te reageren op het echtscheidingsverzoek. Deze reactie wordt “verweerschrift” genoemd. De andere echtgenoot zal dan dienen aan te geven dat hij/zij het niet eens met datgene wat de verzoeker wil en waarom hij/zij het niet ermee eens is.

De versnelde echtscheidingsprocedure

Als man en vrouw beide aanwezig zijn bij de aanbieding van het verzoekschrift, zal de verzoeningscomparitie op dezelfde dag plaatsvinden. Als het de rechter blijkt dat er geen verzoening mogelijk is en de andere partner zich niet verzet tegen de echtscheiding, kan de echtscheiding direct, dus nog op dezelfde dag worden uitgesproken.

Scheiding van tafel en bed

De aanvraag, procedure en beslissing geschieden grotendeels op dezelfde wijze als bij een echtscheiding. Bij scheiding van tafel en bed zijn man en vrouw niet meer verplicht om met elkaar samen te wonen en hebben ze ook geen gemeenschappelijk vermogen meer. Een belangrijke voorwaarde voor het aanvragen van scheiding van tafel en bed is daarom dat man en vrouw vooraf door de notaris bij akte alle afspraken laten vastleggen, die tussen hen zullen gelden na de scheiding van tafel en bed met betrekking tot de kinderen, de verdeling van goederen en schulden, de woning, etc. (een echtscheidingsconvenant). Bij een verzoek voor scheiding van tafel en bed moet deze akte van de notaris worden aangeboden aan de rechter naast de overige stukken die bij een gewone echtscheiding worden ingediend, anders is het verzoek niet geldig.

Zes maanden na de eerste verzoeningscomparitie zal een tweede verzoeningscomparitie worden gehouden. De beslissing van de rechter volgt zes maanden na de tweede verzoeningscomparitie en nadat de kinderen en/of ouders door de rechter zijn gehoord.

Het vonnis waarbij scheiding van tafel en bed is uitgesproken moet openlijk worden bekend gemaakt en ter bescherming van derden worden ingeschreven in het huwelijksgoederenregister, dat bijgehouden wordt op de Griffie der Kantongerechten Civiele Zaken. Personen die in de toekomst zaken wensen te doen met een van de echtgenoten, moeten immers bekend kunnen zijn met het feit dat er niet langer sprake is van een gemeenschap van goederen tussen de echtgenoten.

Gevolgen van verzoening bij scheiding van tafel en bed

Indien de van tafel en bed gescheiden echtgenoten zich verzoenen, wordt daarmee de scheiding van tafel en bed van rechtswege beëindigd, dat wil zeggen dat man en vrouw automatisch weer getrouwd zijn en ook weer een gezamenlijk vermogen hebben. Zij moeten op dezelfde wijze weer openlijk bekendmaken dat de scheiding van tafel en bed tussen hen is opgeheven en er dient hiervan ook melding te worden gemaakt in het huwelijksgoederenregister bij de Griffie waar het was ingeschreven.

Wat als er geen verzoening na de uitspraak van scheiding van tafel en bed heeft plaatsgevonden?

Als er geen verzoening na de uitspraak van scheiding van tafel en bed heeft plaatsgevonden kan aan de rechter worden gevraagd om de echtscheiding uit te spreken.

Wat gebeurt nadat de echtscheiding is uitgesproken?

Belangrijk om te weten is, dat met het uitspreken van de echtscheiding bij vonnis door de rechter, de echtgenoten nog niet gescheiden zijn. Man en vrouw zijn pas gescheiden als het vonnis van de rechter is ingeschreven door het Centraal Bureau voor Burgerzaken (CBB). Als man en vrouw aangeven geen hoger beroep tegen het echtscheidingsvonnis te zullen instellen, kunnen zij op de Griffie der Kantongerechten Civiele Zaken, voor berusting tekenen. De verzoeker krijgt hierna een verklaring van non-appèl, waarna de inschrijving kan plaatsvinden.

De verzoeker moet met de verklaring van non-appel en/of non-verzet, het echtscheidingsvonnis binnen zes maanden na de datum van de verklaring inschrijven in de registers van de Burgerlijke Stand, anders vervalt de echtscheiding. Pas wanneer het vonnis van de rechter door de Burgerlijke Stand is ingeschreven, zijn de echtgenoten officieel gescheiden. De datum van inschrijving van het vonnis is de datum van de echtscheiding.

Wat zijn de gevolgen van het instellen van hoger beroep of verzet?

Wanneer hoger beroep of verzet is ingesteld tegen een echtscheidingsvonnis, zal er geen verklaring van non-appèl of non-verzet worden verstrekt door de Griffie. Het echtscheidingsvonnis zal niet kunnen worden ingeschreven en het huwelijk blijft in stand totdat eventueel in hoger beroep een andere beslissing wordt genomen.


De procedure voor de behandeling van een echtscheidingsvordering en van scheiding van tafel en bed, is geregeld in artikel 260 – 302 van het Burgerlijk Wetboek.


Boedelscheiding en scheiding en deling

Indien een echtpaar is gescheiden (van tafel en bed) ontstaat er tussen hen een boedel als zij in gemeenschap van goederen waren getrouwd. Door de echtscheiding bestaat de gemeenschap namelijk niet meer. Bij gemeenschap van goederen is de ene helft van de goederen, inclusief de schulden, van de man en de andere helft van de vrouw. Een boedel dient verdeeld te worden, omdat volgens de wet niemand verplicht is om in een onverdeelde boedel te blijven. Zowel de man als de vrouw kan scheiding en deling van de boedel vragen aan de rechter als ander weigert naar een notaris te gaan voor de verdeling van de boedel, of als man en vrouw het niet eens kunnen worden over de verdeling van de boedel. Dit gebeurt veelal bij het echtscheidingsverzoek.

Scheiding en deling concubinaat

Ook als een man en een vrouw hebben samen gewoond en zij tijdens of in het kader van die samenwoning gezamenlijk goederen hebben gekocht of schulden zijn aangegaan, ontstaat er tussen hen een boedel als zij de samenwoning verbreken. Er is hier geen sprake van een gemeenschap zoals bij een huwelijk, maar vrije mede-eigendom, omdat de man en de vrouw zelf hebben gewild dat bijv. het perceel gezamenlijk van hen zou zijn. Bij deze boedel is het daarom niet zo dat de goederen automatisch voor de helft aan elk van hen toebehoort. Men moet daarom eerst zijn of haar aandeel laten vaststellen door de rechter en aan de rechter vragen om de scheiding en deling aan de hand daarvan te laten geschieden. Elk van hen zal moeten bewijzen hoeveel zij hebben geïnvesteerd in het perceel, tenzij ze over de verdeling afspraken hebben gemaakt.

Scheiding en deling nalatenschappen

Als iemand komt te overlijden ontstaat er ook een boedel tussen de erfgenamen. Als de erfgenamen het niet eens kunnen worden over de verdeling van de boedel, kunnen zij de rechter ook vragen om scheiding en deling van de boedel. Ook als de overledene een testament heeft achtergelaten, hebben de wettelijke erfgenamen recht op hun wettelijk aandeel in de boedel. Dit aandeel wordt door een notaris vastgelegd in een verklaring van erfrecht. Als de rechter partijen veroordeelt om met elkaar over te gaan tot scheiding en deling van de boedel, wordt er een boedelnotaris benoemd en onzijdige personen voor elke partij. Als iemand niet wil meewerken aan een scheiding en deling, zal de onzijdige persoon, meestal een advocaat die door de rechter is benoemd, voor die persoon beslissen. Als men bij de boedelnotaris niet kan overeenkomen hoe de verdeling moet geschieden, zal de notaris een proces-verbaal van zwarigheden opmaken, waarmee men weer naar de rechter kan. De rechter zal dan, nadat hij de erfgenamen heeft gehoord, beslissen hoe de verdeling zal gescheiden.


Gezag over minderjarigen
Wie is een minderjarige?

Een ieder die de leeftijd van 21 jaar nog niet heeft bereikt en die niet getrouwd of getrouwd geweest is, is volgens de wet minderjarig. Een minderjarige is handelingsonbekwaam, wat betekent dat hij zelfstandig geen rechtshandelingen mag plegen. Iedere minderjarige behoort daarom een wettelijke vertegenwoordiger te hebben onder wiens gezag hij staat en die zorg draagt voor zijn opvoeding en verzorging. Er zijn verschillende vormen van gezag over een minderjarige, te weten “ouderlijke macht” en “voogdij”.

Wanneer staat een minderjarige onder ouderlijke macht?

Minderjarigen die binnen een huwelijk zijn geboren staan onder de ouderlijke macht. Vaak genoeg wordt een kind van wie de ouders bij de geboorte van het kind niet getrouwd zijn, op enig moment vóór of na de geboorte erkend door de vader. Indien de moeder en de vader-erkenner daarna alsnog in het huwelijk treden, wordt het kind door dat huwelijk, gewettigd. Een gewettigd kind staat ook onder de ouderlijke macht. Een kind dat geadopteerd is heeft de status van wettig kind en staat ook onder ouderlijke macht.

Bij wie berust de ouderlijke macht?

De ouderlijke macht berust bij beide gehuwde ouders, maar wordt volgens de wet formeel uitgeoefend door de vader. De vader is de wettelijke vertegenwoordiger van de minderjarige en verricht namens hem rechtshandelingen wanneer dat nodig is. In de praktijk nemen beide ouders echter beslissingen ten aanzien van het kind en dragen beide bij aan diens opvoeding en verzorging.

Wanneer staat een minderjarige onder voogdij?

Kinderen van gescheiden ouders en natuurlijke kinderen staan onder voogdij.
Natuurlijke kinderen zijn kinderen die niet binnen het huwelijk zijn geboren, niet zijn gewettigd door het huwelijk en ook niet zijn geadopteerd. De voogdij wordt uitgeoefend door een voogd. De voogd is de wettelijke vertegenwoordiger van de minderjarige en verricht namens hem rechtshandelingen. De voogd is verantwoordelijk voor de opvoeding en de verzorging van de minderjarige.

Op welke wijze kan voogdij worden verkregen?

Voogdij over een minderjarige kan van rechtswege worden verkregen of kan opgedragen worden door de rechter.

Voogdij van rechtswege

Met voogdij van rechtswege, wordt bedoeld dat een persoon de voogdij over een minderjarige krijgt, zonder dat dit aangevraagd hoeft te worden omdat de wet dit bepaalt. Er zijn verschillende manieren waarop voogdij van rechtswege ontstaat. Een ongetrouwde meerderjarige vrouw die een kind krijgt, wordt automatisch voogdes over dat kind. Dat blijft zo, ook al wordt het kind na de geboorte erkend door de vader; deze krijgt door de erkenning, niet de voogdij over het kind. De moeder blijft in dat geval de wettelijke vertegenwoordiger van het kind. Ook wanneer de ouders gehuwd zijn en een van hen komt te overlijden, krijgt de achtergebleven echtgenoot automatisch de voogdij over de minderjarige kinderen. Indien de moeder van een natuurlijk kind trouwt met een man die het kind niet heeft erkend, wordt de man door het huwelijk van rechtswege mede-voogd over de minderjarige. Hij is dan tezamen met de moeder mede-aansprakelijk voor alle handelingen die zij na het aangaan van het huwelijk verricht ten behoeve van de minderjarige. In al deze gevallen spreekt men van voogdij die van rechtswege is ontstaan. Als de ongehuwde moeder van een kind meerderjarig wordt en nog niet is voorzien in de voogdij, wordt de moeder automatisch de voogd van het kind.

Voogdij door de rechter opgedragen

In bepaalde gevallen ontstaat de voogdij echter niet van rechtswege. Indien een minderjarig meisje moeder wordt, dan is zij niet van rechtswege voogdes over haar kind. Een voogd moet namelijk altijd zelf meerderjarig zijn. In zo een geval moet de rechter worden gevraagd om een voogd te benoemen. Wanneer de moeder meerderjarig is geworden en reeds was voorzien in de voogdij over haar kind, mag zij aan de rechter vragen om tot voogdes van haar kind te worden benoemd.

Indien een huwelijk door echtscheiding is ontbonden, benoemt de rechter een van de ouders tot voogd over de minderjarige kinderen. De kinderen wonen dan bij de ouder die de voogdij over hen heeft verkregen. Doorgaans wordt de andere ouder benoemd tot toeziende voogd.
Indien de voogd is overleden, benoemt de rechter op verzoek een andere voogd over de minderjarige.

In bepaalde gevallen kan de rechter ter bescherming van een minderjarige een andere voogd of een tijdelijke voogd over hem benoemen.

Door ouders benoemde voogd

Ouders die de voogdij hebben over hun kind, kunnen in een testament doen opnemen wie na hun dood de voogdij zal verkrijgen over het kind. De voogdij begint in een dergelijk geval vanaf het ogenblik dat de benoeming door het overlijden van kracht is geworden en de benoemde persoon heeft verklaard dat hij de benoeming aanvaardt.

Toeziende voogd

Een toeziende voogd is geen mede opvoeder maar dient – zoals het woord al zegt – er op toe te zien dat de voogd zich goed van zijn of haar taak kwijt. De toeziende voogd wordt altijd benoemd door de rechter; toeziende voogdij ontstaat niet van rechtswege.

Wat zijn de taken van de toeziende voogd?

De toeziende voogd ziet er op toe dat de voogd de belangen van de minderjarige behartigt. Indien dit naar de mening van de toeziende voogd niet het geval is, kan hij de rechter vragen dat er een andere voogd wordt benoemd over het kind. Ook wanneer de voogd mocht komen te overlijden, behoort de toeziende voogd ervoor te zorgen dat een nieuwe voogd wordt benoemd. Voor sommige handelingen is de medewerking van de toeziende voogd vereist. Een voogd doet er dus altijd goed aan om ervoor te zorgen dat er ook een toeziende voogd wordt benoemd.

Hoe wordt een verzoek gedaan voor het benoemen van een voogd of een toeziende voogd?

Indien na echtscheiding een voogd moet worden benoemd, wordt de zaak doorverwezen naar een voogdijrechter. In de andere gevallen moet een verzoekschrift voor benoeming van een voogd of toeziende voogd, worden ingediend op de Griffie der Kantongerechten. Men mag daarvoor ook de hulp inroepen van het Bureau Familierechterlijke Zaken van het Ministerie van Justitie en Politie (BUFAZ). BUFAZ is trouwens zelf ook bevoegd om het verzoek namens de belanghebbenden in te dienen.

Welke documenten moeten worden ingediend met het verzoek?

Met het verzoekschrift worden in ieder geval de volgende documenten overgelegd:

  • een uittreksel uit het geboorteregister van het kind;
  • een uittreksel uit het bevolkingsregister van de beoogde voogd en /of toeziende voogd;
  • in het verzoekschrift moet vermeld worden op grond van welke omstandigheid, het nodig is dat er een voogd wordt benoemd. Dit moet – indien mogelijk – gestaafd worden met documenten.
Hoe geschiedt de behandeling van een verzoek tot benoeming van een voogd?

Nadat het verzoekschrift is ingediend worden de volgende personen door de rechter opgeroepen om te worden gehoord:

  • de moeder;
  • de vader die met de moeder is getrouwd of getrouwd is geweest;
  • de eventuele erkenner, indien de ouders niet getrouwd of getrouwd geweest zijn;
  • de persoon die wordt voorgedragen als voogd of toeziende voogd;
  • twee bloedverwanten van vaderszijde en twee bloedverwanten van moederszijde, zulks indien de minderjarige uit een huwelijk geboren is of door een huwelijk gewettigd is;
  • de minderjarige zelf, als die 12 jaar of ouder is.
Wat gebeurt nadat de rechter alle belanghebbenden heeft gehoord?

Indien de rechter alle relevante personen heeft gehoord, kan hij besluiten om het verzoek tot benoeming van een voogd of toeziende voogd goed te keuren. Die legt dan meteen bij de rechter de eed of belofte af dat hij zijn taken als voogd/toeziende voogd naar beste weten en kunnen zal verrichten. De benoeming van een voogd en toeziende voogd wordt vastgelegd in een beschikking. Ook als de rechter het verzoek tot benoeming van een bepaalde persoon tot voogd of toeziende voogd afwijst, wordt dat besluit vastgelegd in een beschikking. Tegen een afwijzend besluit kan men in beroep gaan bij het Hof van Justitie.
Ontheffing uit de ouderlijke macht of voogdij

Wanneer de ouders of de voogd niet meer in staat zijn om goed voor het kind te zorgen, bijvoorbeeld vanwege persoonlijke problemen of een psychiatrische beperking, dan kunnen zij door de rechter ontheven worden uit de ouderlijke macht of uit de voogdij. Belangrijk is wel te weten dat ouders alleen ontheven kunnen worden uit de ouderlijke macht of voogdij, als zij daarmee instemmen. Een voogd die niet de ouder is van het kind, kan wel ontheven worden uit de voogdij zonder dat hij daarmee instemt.

Ontzetting uit de ouderlijke macht of voogdij

Als de ouders of de voogden slecht levensgedrag vertonen of een slechte invloed hebben op het kind, dan kunnen zij ontzet worden uit de ouderlijke macht of de voogdij. Hiervan kan onder andere sprake zijn als de ouders of de voogd drugsverslaafd zijn of veroordeeld zijn vanwege mishandeling of misbruik van een minderjarige. Ook wanneer het kind zelf verwaarloosd, mishandeld of misbruikt is geworden door de ouders of voogd, dan kunnen die ontzet worden uit de ouderlijke macht of de voogdij. Ontzetting uit de ouderlijke macht of voogdij vindt plaats zonder dat de ouders of voogd daarmee hoeven in te stemmen.

Wat zijn de gevolgen van de ontzetting of ontheffing?

Wanneer de ouders of de voogd zijn ontheven of ontzet uit de ouderlijke macht of de voogdij, dan verliezen zij daarmee de zeggenschap over het kind. Het kind wordt weggehaald van de ouders of voogd en ondergebracht bij familie, een pleeggezin of een tehuis.

Wie kunnen een verzoek indienen om ouders of voogden te ontheffen of te ontzetten uit de ouderlijke macht of de voogdij?

Een verzoek tot ontheffing van ouders uit de ouderlijke macht of van een ouder-voogd uit de voogdij kan worden gedaan door het Bureau Familierechtelijke Zaken (BUFAZ) of het Openbaar Ministerie.Naast BUFAZ of het Openbaar Ministerie kunnen ook anderen, bijvoorbeeld familieleden van een kind een verzoek indienen bij de rechter om de ouders te ontzetten uit de ouderlijke macht of de voogdij.

Kan de ontheffing of de ontzetting teruggedraaid worden?

Het is mogelijk dat de ontheffing of de ontzetting opgeheven wordt door de rechter. Dat kan alleen als blijkt dat de omstandigheden die geleid hebben tot het treffen van de maatregel, niet langer bestaan. De rechter zal de maatregel slechts opheffen, als dat in het belang is van het kind.


Omgangsregeling tussen ouders en kinderen
Wat is een omgangsregeling?

Er is sprake van een omgangsregeling, wanneer door de rechter wordt bepaald wanneer en hoe vaak een kind contact mag onderhouden met de ouder bij wie hij niet woont. In de praktijk wordt de omgangsregeling ook wel aangeduid met “bezoekregeling”.

Omgangsregeling vastgesteld door de rechter

Als ouders besluiten te scheiden, verlaat meestal één van hen het huis om ergens anders te gaan wonen. De kinderen blijven in veel gevallen bij één van de ouders wonen. Gedurende de echtscheidingsprocedure kan de rechter op verzoek van één of beide ouders een tijdelijke omgangsregeling vaststellen tussen de kinderen en de ouder bij wie zij niet wonen. In de omgangsregeling wordt bepaald wanneer en hoe vaak die ouder en de kinderen elkaar mogen zien. De tijdelijke omgangsregeling geldt slechts gedurende de echtscheidingsprocedure. Nadat de echtscheiding is uitgesproken, wordt een van de ouders belast met de voogdij over de kinderen. Op verzoek van één of beide ouders kan de rechter daarbij een definitieve omgangsregeling vaststellen tussen het kind en de ouder die niet belast is met de voogdij.

Ook als de ouders die niet getrouwd zijn geweest of nooit samen hebben gewoond kan door de rechter een omgangsregeling worden bepaald. Ook in deze situaties hebben de ouders en de kinderen die niet of niet langer met elkaar samenwonen, recht op regelmatig contact met elkaar. In de meeste gevallen kunnen de ouders dit wel zelf onderling regelen, maar indien dat niet het geval is, kan de rechter gevraagd worden om een omgangsregeling vast te stellen.

Wie kunnen de rechter vragen om een omgangsregeling vast te stellen?

De ouder die niet het gezag heeft over een minderjarig kind, kan de rechter verzoeken om een omgangsregeling tussen hem en het kind vast te stellen. Ook grootouders zouden de rechter kunnen verzoeken om een omgangsregeling tussen hen en hun kleinkind vast te stellen, indien de ouder die met het gezag over het kind belast is, niet toestaat dat de grootouders en hun kleinkind contact met elkaar hebben.

Hoe wordt een verzoek tot het vaststellen van een omgangsregeling ingediend?

Het verzoekschrift voor het vaststellen van een omgangsregeling wordt ingediend op de Griffie der Kantongerechten Civiele Zaken. In het verzoekschrift wordt vermeld wat de reden is voor het aanvragen van een omgangsregeling; het is van belang de relatie tussen de aanvrager en het minderjarige kind duidelijk te vermelden in het verzoekschrift.

Hoe geschiedt de behandeling van een verzoek tot het vaststellen van een omgangsregeling?

Nadat het verzoekschrift is ontvangen op de Griffie, zal de rechter de ouders oproepen om hen te horen. Kinderen die 12 jaar of ouder zijn, worden ook gehoord door de rechter. Waar dit nodig is, zal de rechter BUFAZ instrueren om de feitelijke huiselijke situatie van de ouders te onderzoeken, en advies uit te brengen ten aanzien van een omgangsregeling. De uiteindelijk beslissing van de rechter wordt vastgelegd in een beschikking.


Alimentatie
Wat is alimentatie?

Alimentatie is de bijdrage in het onderhoud van een minderjarig kind door de ouder die niet belast is met het gezag of de zorg over het kind. Na een echtscheiding wordt voorzien in alimentatie; echter kunnen ook ouders die niet met elkaar gehuwd zijn of gehuwd zijn geweest, een alimentatieregeling tot stand brengen. Indien de ouders niet in onderling overleg een regeling overeen kunnen komen, dan kan de ene ouder een alimentatievordering indienen, waarbij gevorderd wordt dat de andere ouder veroordeeld wordt om bij te dragen in het onderhoud van het minderjarige kind. Dit hoofdstuk handelt uitsluitend over alimentatie die kan worden gevorderd door de ouder die niet met de andere ouder gehuwd is geweest.

Wie kan een verzoek tot alimentatie indienen?

De moeder die het gezag uitoefent over een minderjarig kind kan het verzoek doen dat de erkenner van het kind of de vader van een niet-erkend kind, een financiële bijdrage levert aan het onderhoud en de opvoeding van dat kind. Als de vader het gezag uitoefent over het kind, kan hij uiteraard vorderen dat de moeder een bijdrage levert aan het onderhoud en de opvoeding van het kind.

Hoe wordt de hoogte van alimentatie vastgesteld?

Bij het bepalen van de hoogte van de alimentatie wordt rekening gehouden met de behoeften van het kind en de draagkracht van de ouders. De alimentatie wordt dus bepaald naar evenredigheid van de behoefte van het kind enerzijds en het inkomen en vermogen van de ouders anderzijds.

Hoe wordt een alimentatieverzoek ingediend?

De verzoeker dient een verzoekschrift in bij de Griffie der Kantongerechten Civiele Zaken. In dat verzoekschrift worden de feiten en omstandigheden waarop de alimentatie eis is gebaseerd zo goed mogelijk omschreven. Bij het verzoek moet tevens een kostenstaat worden ingediend, waaruit blijkt welke kosten worden gemaakt voor het onderhoud en de verzorging van het kind.

Hoe geschied de behandeling van een alimentatieverzoek?

Een afschrift van het verzoekschrift wordt door de Griffie verzonden naar de verweerder, die binnen 3 weken een verweerschrift moet indienen. Indien de verzoeker buiten Suriname woont is, dient het verweerschrift binnen vijf weken bij de kantonrechter te worden ingediend. De beide ouders worden daarna opgeroepen en gehoord door de rechter. Indien de verweerder niet binnen de wettelijke termijn verweer heeft gevoerd, kan de rechter ook een besluit nemen zonder partijen te horen. De beslissing van de rechter wordt vervat in een beschikking waarvan beide partijen een afschrift krijgen.

Wat gebeurt er als een ouder veroordeeld wordt tot het betalen van alimentatie?

De ouder die veroordeeld is tot het betalen van alimentatie, zal deze dienen te voldoen aan de andere ouder. Mocht hij nalaten te betalen, dan kan de andere ouder met de beschikking eventueel beslag laten leggen op het salaris van de veroordeelde.

Wat kan men doen als men het niet eens is met de uitspraak van de rechter?

De verzoeker, wiens eis voor alimentatie geheel of gedeeltelijk is afgewezen, en de verweerder, tegen wie de vordering geheel of gedeeltelijk is toegewezen mogen tegen de beschikking van de rechter in beroep gaan binnen dertig dagen, gerekend van de dag van de uitspraak. Indien zij niet bij de uitspraak aanwezig zijn geweest, begint de termijn van 30 dagen te lopen op de dag waarop de beschikking aan hen is betekend. Indien de verweerder geen verweer heeft gevoerd, kan hij tegen de beschikking in verzet komen binnen acht dagen nadat de beschikking aan hem in persoon is betekend, of nadat de beschikking hem bekend is geworden.

Kan een alimentatieregeling worden gewijzigd of ingetrokken?

Een alimentatieregeling kan door de kantonrechter gewijzigd of ingetrokken worden op verzoek van zowel degene die veroordeeld is tot het betalen van alimentatie, als degene aan wie de betaling moet geschieden. Als de kosten voor het onderhoud en de verzorging van het kind zijn toegenomen, dan kan de ouder aan wie de alimentatie wordt uitbetaald, de rechter verzoeken dat de alimentatie wordt verhoogd. Als daarentegen de vaste lasten van de alimenterende ouder groter zijn geworden of zijn inkomen is verminderd, dan kan die ouder de rechter verzoeken dat de alimentatie wordt verlaagd of zelfs wordt ingetrokken.


De procedure voor het indienen van een alimentatievordering en de behandeling daarvan, is vervat in artikel 706 ev. van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.


Erkenning
Wat is erkenning?

Een kind van wie de ouders niet met elkaar getrouwd zijn (geweest), is een natuurlijk kind. Een natuurlijk kind dat niet is erkend heeft alleen met de moeder een juridische band, en draagt ook haar achternaam. De vader kan het kind met toestemming van de moeder erkennen, wat betekent dat hij officieel bij de Burgerlijke Stand verklaart dat hij de vader is. Er wordt dan een akte van erkenning opgemaakt.

Wat zijn de gevolgen van een erkenning?

Door de erkenning ontstaat er ook een juridische band tussen de vader en het kind; het kind is dan zijn natuurlijk kind en krijgt de achternaam van de vader en maakt bijvoorbeeld aanspraak op diens nationaliteit. Mocht de vader komen te overlijden, dan zal het kind ook van hem erven.

Kan een kind worden erkend zonder toestemming van de moeder?

Het komt wel eens voor dat de moeder niet in staat is de vereiste toestemming te geven of zonder een goede reden weigert de vader toestemming te geven om zijn kind te erkennen, bijvoorbeeld als zij geen relatie meer hebben en hun verstandhouding niet goed is. In die gevallen kan de vader toestemming aan de rechter vragen om het kind te mogen erkennen. De toestemming van de rechter wordt opgenomen in een vonnis. Wanneer dat vonnis in kracht van gewijsde is gegaan – dat betekent dat er geen hoger beroep meer mogelijk is – kan de vader met dat vonnis naar de Burgerlijke Stand gaan en het kind alsnog erkennen.

Kunnen volwassenen ook erkend worden?

Ook volwassen personen kunnen erkend worden; er is geen leeftijdsgrens voor erkenning. In zulke gevallen is er geen toestemming nodig van de moeder of de rechter; het is de persoon zelf die ermee moet instemmen dat hij erkend wordt.


Nietigverklaring/Betwisting erkenning
Is het mogelijk om een erkenning terug te draaien?

In bepaalde gevallen is het mogelijk om een erkenning terug te draaien.
Gevraagd kan worden om de erkenning nietig te verklaren of om de betwisting van de erkenning geldig te verklaren. Als de man er bijvoorbeeld achter is gekomen dat hij niet de biologische vader van het kind is, terwijl de moeder hem dat wel had laten geloven, dan kan hij de rechter vragen om de erkenning nietig te verklaren. Ook de moeder kan vragen de erkenning nietig te verklaren, o.a. als zij kan aantonen dat ze indertijd onder dwang toestemming heeft gegeven tot de erkenning. Ook het kind zelf kan, als hij meerderjarig is, vragen dat de erkenning nietig verklaard word, bijvoorbeeld omdat hij geen toestemming heeft gegeven terwijl hij tijdens de erkenning reeds meerderjarig was. Elke belanghebbende kan verder vorderen dat de betwisting van een erkenning geldig wordt verklaard.

Wat voor gevolgen heeft vernietiging van de erkenning?

Zodra het vonnis waarbij de erkenning nietig is verklaard of de betwisting van de erkenning geldig is verklaard in kracht van gewijsde is gegaan – dat betekent dat er geen hoger beroep meer mogelijk is -, moet dat worden ingeschreven bij de Burgerlijke Stand. De situatie zoals die was voordat het kind erkend werd, herleeft na de inschrijving van het vonnis. Dat betekent dat het kind weer de achternaam van de moeder krijgt. Het kind maakt verder geen aanspraak meer op verzorging door de man en zal niet van hem erven.


In de artikelen 336 Burgerlijk Wetboek e.v. staan de bepalingen betreffende de nietigheid van de erkenning en de betwisting van de erkenning.


Adoptie
Wat is adoptie?

Adoptie is het aannemen van andermans kind als het eigen kind. Adoptie geschiedt door een rechterlijke uitspraak, waarbij het verzoek van een echtpaar om een kind te mogen adopteren, wordt ingewilligd.

Wie kunnen een kind adopteren?

Een adoptieverzoek kan ingediend worden door een echtpaar dat tenminste 3 jaar getrouwd is (de adoptanten). Als een van de echtgenoten is overleden, kan het verzoek door de overblijvende echtgenoot worden ingediend. De adoptanten dienen er rekening mee te houden dat één van hen uiterlijk 6 maanden nadat het adoptieverzoek is ingediend, de voogdij over het kind dient te hebben verkregen.

Wie kan geadopteerd worden?

Slechts minderjarigen kunnen geadopteerd worden. Indien de minderjarige de leeftijd van 16 jaar reeds heeft bereikt, moet hij zelf instemmen met de adoptie. Het is een vereiste dat het kind voorafgaand aan het adoptieverzoek een periode feitelijk verzorgd en opgevoed moet zijn geworden door de adoptanten. Het kind mag voorts geen wettige of natuurlijke afstammeling van een van de adoptanten zijn. Grootouders kunnen hun kleinkind bijvoorbeeld dus niet adopteren.

Hoe wordt een adoptieverzoek ingediend?

Het verzoekschrift waarin de adoptie van een minderjarige wordt verzocht, dient in vijfvoud te worden ingediend bij de Griffie van het Kantongerecht Civiele Zaken. In het verzoekschrift moet worden vermeld vanaf wanneer het kind door de adoptanten is verzorgd en waar zij sindsdien hebben gewoond. In het verzoekschrift worden tevens vermeld de achternaam, de voornamen en de woon- of verblijfplaats van de adoptanten, van het kind, en van de biologische ouders van het kind en van zijn voogd en toeziend voogd.

Welke documenten worden ingediend met het verzoek?

Bij het verzoekschrift moeten afschriften worden overgelegd van de geboorteakte van het kind en de geboorteakten van de adoptanten, alsook de huwelijksakte van de adoptanten. Deze documenten dienen, evenals het verzoekschrift, in vijfvoud te worden ingediend.

Hoe geschiedt de behandeling van het adoptieverzoek?

Nadat het adoptieverzoek is ontvangen op de Griffie, wordt een afschrift hiervan verzonden naar het Bureau Familierechterlijke Zaken (BUFAZ), die een onderzoek instelt en daaromtrent advies uitbrengt aan de rechter. De verzoekers, de moeder, de vader van het kind, en eventueel de voogd en de toeziende voogd worden daarna opgeroepen om voor de rechter te verschijnen om gehoord te worden. Indien het kind de leeftijd van 12 jaren reeds heeft bereikt, wordt ook hij gehoord door de rechter.

Wat zijn de rechtsgevolgen van adoptie?

Indien de adoptie is toegestaan, houden de familierechtelijke betrekkingen tussen enerzijds het kind en anderzijds zijn moeder en de vader op te bestaan. In plaats daarvan ontstaan er familierechtelijke betrekkingen tussen het kind enerzijds en de adoptief ouders en hun bloed- en aanverwanten anderzijds. Het kind krijgt de achternaam van de adoptief vader en is vanaf dat moment in alle opzichten het wettig kind van de adoptief ouders, met alle gevolgen die de wet aan die status verbindt. Zo komt het kind onder de ouderlijke macht te staan en wordt het automatisch erfgenaam van de adoptanten.

Wat kunnen de verzoekers doen indien het adoptieverzoek niet wordt ingewilligd door de rechter?

Indien de kantonrechter het adoptieverzoek heeft afgewezen, kunnen de verzoekers daar hoger beroep tegen aantekenen, en wel binnen 30 dagen nadat het vonnis is uitgesproken. Het adoptieverzoek wordt dan opnieuw behandeld door een kamer van het Hof van Justitie, bestaande uit 3 rechters.


De adoptieprocedure is geregeld in artikel 677a – 677k van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.


Ontkenning wettigheid
Wat betekent de ontkenning van de wettigheid van een kind?

Een kind dat wordt verwekt of geboren tijdens het huwelijk van de ouders is een wettig kind. Een wettig kind heeft een juridische band met zijn vader en moeder, en zal wanneer de ouders overlijden, van hun erven. De ouders zijn ook allebei verplicht om hun kind te verzorgen.
Wanneer de man van mening is dat hij niet de vader is van dat kind en hij kan bewijzen dat hij in een bepaalde periode voordat het kind werd geboren, geen gemeenschap met de moeder heeft gehad, kan hij de wettigheid van het kind ontkennen. Dat kan bijvoorbeeld het geval zijn als de man in die periode in het buitenland woonde.

Op welke manier kan de wettigheid van het kind ontkend worden?

Als de man vindt dat hij niet de vader van het kind is, kan hij een verzoekschrift indienen bij de rechter en vragen dat die de ontkenning van de wettigheid van het kind geldig verklaart.

Wie kunnen verder nog meer de wettigheid van een kind ontkennen?

Mocht de man reeds zijn overleden, dan kunnen in bepaalde gevallen ook zijn familieleden het verzoek voortzetten of zelf indienen bij de rechter.

Wat zijn de gevolgen van de geldig verklaring van de ontkenning van de wettigheid van een kind?

Als de rechter de ontkenning van de wettigheid geldig heeft verklaard, dan moet het vonnis worden ingeschreven bij de Burgerlijke Stand. Er wordt dan een kanttekening gemaakt op de geboorte akte van het kind. Vanaf het moment dat het vonnis is ingeschreven, houdt de juridische band tussen de man en het kind op. Het kind draagt dan niet langer de naam van de man, heeft geen recht meer op zijn verzorging, en zal ook niet meer automatisch van hem erven.


De procedure voor het ontkennen van de wettigheid is geregeld in artikel 304 e.v. van het Surinaams Burgerlijk Wetboek.


Ondercuratelestelling
Wat is ondercuratelestelling?

Als een persoon niet in staat is om zelfstandig beslissingen te nemen vanwege een verstandelijke beperking of dementie, kunnen zijn familieleden de rechter verzoeken om die persoon onder curatele te stellen en iemand aan te wijzen die zijn belangen kan behartigen. De rechter benoemd dan een curator die beslissingen neemt over onder andere de besteding van het geld en de verzorging of begeleiding van de onder curatele gestelde persoon. Ook mensen die heel verkwistend omgaan met hun geld, of die vanwege een drugs-of alcoholverslaving overlast veroorzaken of gevaarlijk zijn, kunnen onder curatele worden gesteld. Soms kan de onder curatele te stellen persoon zelf het verzoek doen aan de rechter om onder curatele te worden gesteld. Voordat de rechter een beslissing neemt over een onder curatele stelling, zal hij diegene altijd zelf persoonlijk spreken om te onderzoeken als het inderdaad nodig is dat die onder curatele wordt gesteld.

Wat zijn de gevolgen van een ondercuratelestelling?

Iemand die onder curatele is gesteld kan niet langer zelfstandig rechtshandelingen plegen. Hij kan niet meer zelf een bankrekening openen, een perceel verkopen of een verzekering afsluiten. Zijn curator zal die handelingen steeds namens hem moeten doen.

Hoe en wanneer kan een ondercuratele stelling worden opgeheven?

Indien er geen reden meer is voor de onder curatele stelling, dan kan de rechter gevraagd worden om deze op te heffen. Ook in dat geval zal de rechter een onderzoek plegen waarbij hij de onder curatele gestelde persoon en verschillende getuigen persoonlijk zal verhoren.


Beschermingsbevelen
Wat is een beschermingsbevel?

Een beschermingsbevel is een beschikking van de rechter. Daarin zijn maatregelen opgenomen die een slachtoffer van huiselijk geweld moeten beschermen tegen de pleger van dat geweld. Een beschermingsbevel kan worden gegeven voor een periode van maximaal 3 jaar.

In welke gevallen kan een beschermingsbevel worden aangevraagd?

Volgens de Wet Bestrijding Huiselijk Geweld kunnen personen die slachtoffer zijn van huiselijk geweld of die zich daardoor bedreigd voelen, bij de rechter een beschermingsbevel aanvragen.

Wat is huiselijk geweld?

Huiselijk geweld is elke vorm van lichamelijk, seksueel, psychisch of financieel geweld tegen een partner, kind, ouder, lid van het gezin (huisgenoot) of behoeftige. Het maakt dan niet uit waar het geweld plaatsvindt. Huiselijk geweld kan dus ook op straat plaats vinden.

Voorbeelden van huiselijk geweld zijn:

– mishandeling door de partner,
– drugsverslaafde kinderen die hun ouders molesteren,
– geweld van schoonmoeders tegen inwonende schoondochters of omgekeerd.

Er kan ook sprake zijn van huiselijk geweld, als de pleger en het slachtoffer niet of niet meer samenwonen. Bijvoorbeeld wanneer er sprake is van bedreiging of geweld door een ex-partner.

Wat is belaging?

Het komt voor dat iemand regelmatig wordt lastiggevallen door een ander om een relatie aan te gaan en die persoon bij afwijzing agressief reageert en de andere achtervolgt. In dit soort gevallen gaat het om belaging (stalken van een persoon). Het slachtoffer kan zich wenden tot de politie of het Openbaar Ministerie. De “Wet op Belaging” is in dit geval van toepassing.

Hoe wordt een beschermingsbevel aangevraagd?

De aanvrager (de verzoeker) kan bij de Griffie der Kantongerechten Civiele Zaken een verzoek indienen voor het geven van een beschermingsbevel tegen een bepaalde persoon (de gedaagde). De aanvrager ontvangt dan een voorgedrukt formulier waarop zij/hij kort moet opschrijven waarom het nodig is dat er een beschermingsbevel wordt gegeven tegen een bepaalde persoon. Op het formulier moeten ook de namen, het adres en het telefoonnummer van zowel de verzoeker als de gedaagde worden ingevuld. Het verzoek wordt in tweevoud ingediend, er moeten dus 2 formulieren worden ingevuld. De aanvrager mag het origineel ingevulde formulier ook kopiëren. Er zijn geen kosten verbonden aan het aanvragen van een beschermingsbevel, het is helemaal gratis!

Wie kunnen een beschermingsbevel aanvragen?

Een ieder die slachtoffer is of bang is dat hij of zij slachtoffer zal worden van huiselijk geweld, kan een beschermingsbevel aanvragen. Ook voor minderjarige kinderen kan een beschermingsbevel worden aangevraagd. Verzoeken voor een minderjarige mogen gedaan worden door elk familielid van het kind of iedere persoon aan wiens zorg het kind is toevertrouwd. Naast een van de (groot)ouders, tantes of ooms, kunnen dus ook de oppas of een leerkracht een verzoek indienen.

Hoe wordt het verzoek behandeld?

Binnen 7 dagen na indiening van het verzoek worden de verzoeker en de gedaagde opgeroepen en gehoord door de rechter. De behandeling van een beschermingsbevel gebeurt in raadkamer, er mag dus geen publiek bij zijn. Partijen mogen zich wel laten bijstaan door een advocaat. Indien de rechter beslist dat er inderdaad sprake is van huiselijk geweld of dat er een grote kans daarvoor aanwezig is, dan kan een beschermingsbevel worden gegeven. Aan de overtreder van een beschermingsbevel kan de rechter een straf opleggen.


De procedure voor het aanvragen en behandelen van een beschermingsbevel is opgenomen in de Wet Bestrijding Huiselijk Geweld.