- Instantie Hof van Justitie
- Zaaknummer G.R. no. 14281
- Uitspraakdatum 01 augustus 2008
- Publicatiedatum 10 april 2026
- Rechtsgebied Civiel recht
-
Inhoudsindicatie
Een gangbare opvatting is dat termijnen, bepaald voor het aanwenden van rechtsmiddelen, dwingend van aard zijn. Dwingende voorschriften hebben de strekking de rechtsorde op een zo doelmatig mogelijke wijze te organiseren en dat partijen daarom van die voorschriften niet mogen afwijken. Op grond van hetgeen hiervoor is overwogen moet het instellen van het appèl op 22 januari 2004 als een niet-rechtsgeldige proceshandeling worden aangemerkt, zodat appellante daarin niet kan worden ontvangen.
Uitspraak
HET HOF VAN JUSTITIE VAN SURINAME
GENERALE ROL NO. 14281.
SUNBIRD AIRWAYS N.V., rechtspersoon, gevestigd aan de Doekhieweg no. 3 te Paramaribo, ten deze domicilie kiezende aan de F.H.R. Lim A Postraat no. 14, voor wie als gemachtigde optreedt, mr. B.A. Halfhide, advocaat,
appellante,
t e g e n
[Geïntimeerde], rechtspersoon, gevestigd aan [adres], ten deze domicilie kiezende aan de Nassiefstraat no. 6, voor wie als gemachtigde optreedt, mr. J.C.P. Nannan Panday, advocaat,
geïntimeerde,
De Fungerend-President spreekt in deze zaak, in Naam van de Republiek, het navolgende vonnis uit:
(Betalend) Het Hof van Justitie van Suriname;
Gezien de stukken van het geding waaronder:
- het in afschrift overgelegd vonnis van de Kantonrechter in het Eerste Kanton van 13 januari 2004 tussen partijen gewezen en uitgesproken;
- het proces-verbaal van de Griffier van het Eerste Kanton van 22 januari 2004, waaruit blijkt van het instellen van hoger beroep;
Gehoord partijen bij monde van haar respectieve advokaten;
TEN AANZIEN VAN DE FEITEN:
Overwegende, dat uit de stukken van het geding in eerste aanleg blijkt, dat [geïntimeerde] als eisende partij in eerste aanleg zich bij verzoekschrift tot de Kantonrechter in het Eerste Kanton heeft, gewend daarbij stellende:
- Eiseres wenst de navolgende vordering in te stellen tegen:
- SUNBIRD AIRWAYS N.V., rechtspersoon, gevestigd aan de Doekhieweg no. 3 te Paramaribo, gedaagde sub a.
- STICHTING LACOSTE, gevestigd aan de Kwattaweg no. 596 te Paramaribo, gedaagde sub b.
- [Naam 1], wonende [straatnaam 1] Amsterdam, Nederland, te deze domicilie kiezende bij het advocatenkantoor H.E. Struiken, Wagenwegstraat 41 te Paramaribo, gedaagde sub c.
- [Naam 2], wonende [straatnaam 2] te Maarssen, Nederland, te deze domicilie kiezende bij het advocatenkantoor H.E. Struiken, Wagenwegstraat 41 te Paramaribo, gedaagde sub d.
- De heer [naam 1] heeft op 12 oktober 1994 een algemene vergadering van aandeelhouders belegd, waarbij o.a. de heer [naam 2] tot directeur van eiseres is benoemd. Mevrouw [naam 3] en de heer [naam 4] hebben vervolgens een vordering ingesteld tegen de heer [naam 1] voornoemd, tot nietig verklaring van de besluiten genomen op bedoelde vergadering, welke vordering is toegewezen (productie 1).
- De heer [naam 1] heeft in de eerste instantie appèl aangetekend tegen dit vonnis (productie 2), doch heeft op 11 augustus 1998 het appèl ingetrokken (productie 3), weshalve het vonnis d.d. 23 juni 1998 in kracht van gewijsde is.
- Intussen heeft de heer [naam 2] in hoedanigheid van directeur van eiseres verkocht en geleverd aan gedaagde sub a: een aan eiseres toebehorend onroerend goed, gelegen aan de Maagdenstraat, bekend onder Nieuwe Wijk, Letter C nr. 17 en 18, voor een bedrag van SF. 160.000.000,– (HONDERD ZESTIG MILJOEN GULDEN SURINAAMS COURANT) (productie 4 en 4a). Gedaagde sub a was overigens op de hoogte dat het onroerend goed in het geding was.
- Vervolgens heeft gedaagde sub a bovengenoemd onroerend goed doorverkocht en geleverd aan de gedaagde sub b, vertegenwoordigd door de heren [naam 5] en [naam 6], (productie 5 en 5a) die evenals gedaagde sub a, ook op de hoogte waren dat het litigieuze onroerend goed in het geding was.
- Door aldus te handelen zijn gedaagden niet te goeder trouw geweest en hebben een onrechtmatige daad gepleegd jegens eiseres als gevolg waarvan eiseres schade heeft geleden, hetwelk minstens US$ 376.000,– (DRIE HONDERD ZES EN ZEVENTIG DUIZEND DOLLARS) bedraagt (productie 6), en voor welke schade gedaagden aansprakelijk zijn.
- Eiseres heeft dan ook het recht om op grond van bovenvermeld vonnis, de vernietiging van voormelde koopovereenkomst c.q. schadevergoeding te vorderen, en is doende deze vordering in te stellen.
- Eiseres heeft intussen na daartoe verkregen toestemming van de Kantonrechter, conservatoir beslag doen leggen op het litigieuze pand bij exploit nr. 610 d.d. 01 oktober 1998 (productie 7 en 7a). Dit beslag dient van waarde te worden verklaard.
- Gedaagden hebben in deze gehandeld, terwijl zij wisten dat eiseres als gevolg van hun handelen ernstige schade zou lijden, lijdt en nog zal lijden. Alhoewel het pand in 1996 getaxeerd is voor US$ 376.000,– heeft eiseres diverse keren aanbiedingen gehad tot ruim US$ 900.000,–. Dit is dan de werkelijk door eiseres geleden schade.
- Doordat de besluiten genomen op de vergadering van 12 oktober 1994 nietig zijn verklaard door de Kantonrechter, welk vonnis reeds in kracht van gewijsde is gegaan, waren gedaagden sub c en sub d onbevoegd te verkopen. Gedaagden sub a en b zijn eveneens niet te goeder trouw, aangezien zij op de hoogte waren dat het pand in het geding was, en door mee te werken aan de koop/verkoop hebben zij onrechtmatig jegens eiseres gehandeld met hun schuld daaraan, hebbende niet de zorgvuldigheid in acht genomen, die in het maatschappelijk verkeer betamelijk is jegens eens anders persoon en/of goed.
- Overigens heeft gedaagde sub a de zogenaamde koopsom niet betaald, doch heeft doorverkocht aan gedaagde sub b en heeft hypotheek op het pand gevestigd (zie hypothecair uittreksel productie 5a).
- Op grond van het vorenvermelde is de koopovereenkomst in strijd met de wet en hebbende een ongeoorloofde oorzaak, nietig en van onwaarde. Eiseres heeft dan ook per exploit van deurwaarder, DASIMIN TOEKIMIN, no 541 en 548 d.d. 08 september 1998, de nietigheid ingeroepen van de verkopen, althans de overdrachten van voormeld onroerend goed aan gedaagden sub a en sub b (productie 8 en 9).
- Eiseres is op grond van het voorgaande dan ook nog steeds eigenares van voormeld onroerend goed. Gedaagde sub b staat echter als gevolg van de eigendomsoverdracht in de hypothecaire registers geboekt als zijnde de eigenaar, en derden zouden hierop eventueel kunnen afgaan.
Overwegende, dat de eisende partij op deze gronden heeft gevorderd:
dat bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:
PRIMAIR:
– voor recht zal worden verklaard dat de akte van verkoop en koop en de eigendomsoverdracht betreffende:
I de erven met de daarop staande gebouwen, gelegen te Paramaribo aan de Maaagdenstraat, bekend onder Nieuwe Wijk Letter C [perceelnumer 1] en [perceelnummer 2], met uitzondering van:
- een gedeelte van het erf, gelegen te Paramaribo aan de Maagdenstraat, bekend onder Nieuwe Wijk letter C [perceelnummer 1], op de kaart van de Landmeter A.N.A. van Amson de dato zeventien maart negentienhonderd en acht aangeduid door de figuur W E F G H I Q;
- een gedeelte van het erf, gelegen te Paramaribo aan de Maagdenstraat, bekend onder Nieuwe Wijk letter C [perceelnummer 2], op voormelde kaart aangeduid door de figuur C D T U S R.
II Een stuk grond, op voormelde kaart aangeduid door de figuur in het geel, welk stuk grond grenst aan het sub I omschreven en thans daarmede een geheel uitmaakt, zijnde de sub I en II omschreven onroerende goederen tezamen op voormelde kaart aangeduid met de letters A T U S R Q V W B, met uitzondering van een reeds verkocht gedeelte groot driehonderd vijf en vijftig, twaalf/honderdste vierkante meter, op de kaart van de landmeter Lcs. J.O.A. Mans de dato drie en twintig december negentienhonderd drie en negentig aangeduid met de letters D E F G H I, zijnde van het verkochte perceelland een nieuwe kaart vervaardigd door de genoemde landmeter Mans van drie en twintig december negentienhonderd drie en negentig, aangeduid op diens kaart met de letters A B C E F G H I en een oppervlakte beslaande van zevenhonderd tien, drie en zestig/honderdste vierkante meter, verleden ten overstaan van notaris G.H.B. Blom de dato 03 september 1997 en ingeschreven in het Hypotheekregister op 08 september 1997 in register C 1362 onder nummer 2246 en
– de akte van verkoop en koop en de eigendomsoverdracht betreffende:
I de erven met de daarop staande gebouwen, gelegen te Paramaribo aan de Maagdenstraat, bekend onder Nieuwe Wijk Letter C [perceelnummer1] en [perceelnummer 2], met uitzondering van :
- een gedeelte van het erf, gelegen te Paramaribo aan de Maagdenstraat, bekend onder Nieuwe Wijk letter C [perceelnummer 1], op de kaart van de landmeter A.N.A. van Amson de dato zeventien maart negentienhonderd en acht aangeduid door de figuur W E F G H I Q;
- een gedeelte van het erf, gelegen te Paramaribo aan de Maagdenstraat, bekend onder Nieuwe Wijk letter C [perceelnummer 2], op voormelde kaart aangeduid door de figuur C D T U S R.
II Een stuk grond, op voormelde kaart aangeduid door de figuur in het geel, welk stuk grond grenst aan het sub I omschreven en thans daarmede een geheel uitmaakt, zijnde de sub I en II omschreven onroerende goederen tezamen op voormelde kaart aangeduid met de letters A T U S R Q V W B, met uitzondering van een reeds verkocht gedeelte groot driehonderd vijf en vijftig, twaalf/honderdste vierkante meter, op de kaart van de landmeter Lcs. J.O.A. Mans de dato drie en twintig december negentienhonderd drie en negentig aangeduid met de letters D E F G H I, zijnde van het verkochte perceelland een nieuwe kaart vervaardigd door de genoemde landmeter Mans en drie en twintig december negentienhonderd drie en negentig, aangeduid op diens kaart met de letters A B C E F G H I en een oppervlakte beslaande van zevenhonderd tien, drie en zestig/honderdste vierkante meter, verleden ten overstaan van kandidaat-notaris D. Alexander, als waarnemer van notaris G.H.B. Blom d.d. 28 januari 1998 en ingeschreven in het hypotheekregister op 02 februari 1998 in register C 1375 onder nummer 2602, nietig en van onwaarde zijn, waarbij tevens de doorhaling van de inschrijving van de overdrachten, alsmede van de gevestigde hypotheken ten name van gedaagden sub a en b zal worden gelast.
SUBSIDIAIR:
– de akte van verkoop en koop en de eigendomsoverdracht van:
I de erven met de daarop staande gebouwen, gelegen te Paramaribo aan de Maagdenstraat, bekend onder Nieuwe Wijk Letter C [perceelnummer 1] en [perceelnummer 2], met uitzondering van:
- een gedeelte van het erf, gelegen te Paramaribo aan de Maagdenstraat, bekend onder Nieuwe Wijk letter C [perceelnummer 1], op de kaart van de landmeter A.N.A. van Amson de dato zeventien maart negentienhonderd en acht aangeduid door de figuur W E F G H I Q;
- een gedeelte van het erf, gelegen te Paramaribo aan Maagdenstraat, bekend onder Nieuwe Wijk letter C [perceelnummer 2], op voormelde kaart aangeduid door de figuur C D T U S R.
II Een stuk grond, op voormelde kaart aangeduid door de figuur in het geel, welk stuk grond grenst aan het sub I omschreven en thans daarmede een geheel uitmaakt, zijnde de sub I en II omschreven onroerende goederen tezamen op voormelde kaart aangeduid met de letters A T U S R Q V W B, met uitzondering van een reeds verkocht gedeelte groot driehonderd vijf en vijftig, twaalf/honderdste vierkante meter, op de kaart van de landmeter Lcs. J.O.A. Mans de dato drie en twintig december negentienhonderd drie en negentig aangeduid met de letters D E F G H I, zijnde van het verkochte perceelland een nieuwe kaart vervaardigd door de genoemde landmeter Mans van drie en twintig december negentienhonderd drie en negentig, aangeduid op diens kaart met de letters A B C E F G H I en een oppervlakte beslaande van zevenhonderd tien, drie en zestig/honderdste vierkante meter, verleden ten overstaan van notaris G.H.B. Blom de dato 03 september 1997 en ingeschreven in het Hypotheekregister op 08 september 1997 in register C 1362 onder nummer 2246 en
– de akte van verkoop en koop en de eigendomsoverdracht betreffende:
I de erven met de daarop staande gebouwen, gelegen te Paramaribo aan de Maagdenstraat, bekend onder Nieuwe Wijk Letter C [perceelnummer 1] en [perceelnummer 2], met uitzondering van:
- een gedeelte van het erf, gelegen te Paramaribo aan de Maagdenstraat, bekend onder Nieuwe Wijk letter C [perceelnummer 1], op de kaart van de landmeter A.N.A. van Amsom de dato zeventien maart negentienhonderd en acht aangeduid door de figuur W E F G H I Q;
- een gedeelte van het erf, gelegen te Paramaribo aan Maagdenstraat, bekend onder Nieuwe Wijk letter C [perceelnummer 2], op voormelde kaart aangeduid door de figuur C D T U S R.
- Een stuk grond, op voormelde kaart aangeduid door de figuur in het geel, welk stuk grond grenst aan het sub I omschreven en thans daarmede een geheel uitmaakt, zijnde de sub I en II omschreven onroerende goederen tezamen op voormelde kaart aangeduid met de letters A T U S R Q V W B, met uitzondering van een reeds verkocht gedeelte groot driehonderd vijf en vijftig, twaalf/honderdste vierkante meter, op de kaart van de landmeter Lcs. J.O.A. Mans de dato drie en twintig december negentienhonderd drie en negentig aangeduid met de letters D E F G H I, zijnde van het verkochte perceelland een nieuwe kaart vervaardigd door de genoemde landmeter Mans van drie en twintig december negentienhonderd drie en negentig, aangeduid op diens kaart met de letters A B C E F G H I en een oppervlakte beslaande van zevenhonderd tien, drie en zestig/honderdste vierkante meter, verleden ten overstaan van kandidaat-notaris D. Alexander, als waarnemer van notaris G.H.B. Blom d.d. 28 januari 1998 en ingeschreven in het hypotheekregister op 02 februari 1998 in register C 1375 onder nummer 2602;
zullen worden nietig verklaard, althans zullen worden vernietigd, waarbij tevens de doorhaling van de inschrijvingen van de overdrachten in het Hypotheekregister alsmede van de gevestigde hypotheken zal worden gelast.
MEER SUBSIDIAIR:
– gedaagden bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad, zullen worden veroordeeld, des de een betalende de ander te zijn bevrijdt, om terzake het voorgaande tegen behoorlijk bewijs van kwijting, het schadevergoedingsbedrag van US$. 900.000,– (negenhonderd duizend amerikaanse dollar aan eiseres te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente hierover ad 6% ’s jaars vanaf de dag van rechtsingang tot aan die der algehele voldoening.
– het deze gepleegde conservatoir beslag van waarde wordt verklaard. Kosten rechtens;
Overwegende, dat eiseres een hier als geinsereerd aan te merken schriftelijke conclusie tot rectificatie heeft overgelegd, waarbij de eisende partij van eis wenst te concluderen:
- Het derde sustenu dient als volgt te worden gelezen:
De heer [naam 1], heeft op 2 juli 1998 in de eerste instantie appel aangetekend tegen dit vonnis (productie 2), doch heeft op 11 augustus 1998 het appel ingetrokken (produktie 3), weshalve het vonnis de dato 23 juni 1998 in kracht van gewijsde is.
- het vierde sustenu dient te worden aangevuld met:
Onder wist de heer [naam 7], de directeur van gedaagde sub a, dat er een geschil bestond met betrekking tot de aandelen en tot het pand.
- Het zesde sustenu dient als volgt te worden gelezen:
Door aldus te handelen zijn gedaagden niet te goeder trouw geweest en hebben een onrechtmatige daad met hun schuld daaraan gepleegd jegens eiseres, als gevolg waarvan eiseres schade heeft geleden, lijdt en nog zal lijden. De schade van eiseres bedraagt volgens de hierbij in kopie overgelegd taxatierapport (productie 6) minstens US$ 376.000,– (drie honderd en zes en zeventig US dollars), en voor welke schade gedaagden aansprakelijk zijn.
- Het zevende sustenu dient als volgt te worden gelezen:
Eiseres heeft dan ook het recht om op grond van bovenvermeld vonnis, de dato 23 juni 1998, A.R. 944513 ([naam 3] en [naam 4] contra [naam 1]), de vernietiging van voormelde koopovereenkomsten c.q. schadevergoeding te vorderen.
Voor het overige ongewijzigd.
Overwegende, dat Sunbird Airways N.V. gedaagde partij in eerste aanleg bij conclusie van antwoord – welke geacht moet worden te dezer plaatse te zijn ingelast – de vordering heeft bestreden en daarbij heeft geconcludeerd:
dat eiseres niet ontvankelijk zal worden verklaard in haar vordering, althans deze haar zal worden ontzegd als zijnde ongegrond en niet bewezen;
Overwegende, dat partijen vervolgens bij conclusies van repliek en dupliek hun stellingen nader hebben toegelicht en verdedigd, waarna de Kantonrechter bij vonnis van 13 januari 2004 op de daarin opgenomen gronden:
- voor recht heeft verklaard dat van rechtswege nietig is en mitsdien van onwaarde de levering van:
- de erven met de daarop staande gebouwen, gelegen te Paramaribo aan de Maagdenstraat, bekend onder Nieuwe Wijk letter C [perceelnummer 1] en [perceelnummer 2], met uitzondering van:
- een gedeelte van het erf, gelegen te Paramaribo aan de Maagdenstraat, bekend onder Nieuwe Wijk letter C [perceelnummer 1] op de kaart van landmeter
A.N.A. van Amsom de dato zeventien maart negentienhonderd en acht aangeduid door de figuur W E F G H I Q.
- een gedeelte van het erf, gelegen te Paramaribo aan de Maagdenstraat,
bekend onder Nieuwe Wijk letter C [perceelnummer 2], op voormelde kaart aangeduid door de figuur C D T U S R.
– een stuk grond, op voormelde kaart aangeduid door de figuur in het geel, welk stuk grond grenst aan het stuk I omschreven en thans daarmede een geheel uitmaakt zijnde de sub I en II omschreven onroerend goederen tezamen op voormelde kaart aangeduid met de letters A T U S R Q V W B, met uitzondering van een reeds verkocht gedeelte groot driehonderd vijf en vijftig, twaalf/honderdste vierkante meter, op de kaart van de landmeter Lcs. J.O.A. Mans de dato drie en twintig december negentienhonderd drie en negentig aangeduid met de letters D E F G H I, zijnde van het verkochte perceelland een nieuwe kaart vervaardigd door de genoemde landmeter Mans van drie en twintig december negentienhonderd drie en negentig, aangeduid op diens kaart met de letters A B C E F G H I en een oppervlakte beslaande van zevenhonderd tien, drie en zestig/honderdste vierkante meter, gedaan door overschrijving van de akte verkoop en koop, verleden ten overstaan van de te Paramaribo residerende notaris G.H.B. Blom de dato 3 september 1997 en overgeschreven ten Hypotheek kantore op 8 september 1997 in register C 1362 onder nummer 2246;
- de erven met de daarop staande gebouwen, gelegen te Paramaribo aan de Maagdenstraat, bekend onder Nieuwe Wijk letter C [perceelnummer 1] en [perceelnummer 2], met uitzondering van:
- een gedeelte van het erf, gelegen te Paramaribo aan de Maagdenstraat bekend onder Nieuwe Wijk letter C [perceelnummer 1], op de kaart van de landmeter A.N.A. van Amson de dato zeventien maart negentienhonderd en acht aangeduid door de figuur W E F G H I Q.
- een gedeelte van het erf, gelegen te Paramaribo aan de Maagdenstraat, bekend onder Nieuwe Wijk letter C [perceelnummer 2] op voormelde kaart aangeduid door de figuur C D T U S R;
– een stuk grond, op voormelde kaart aangeduid door de figuur in het geel, welk stuk grond grenst aan het sub I omschreven en thans daarmede een geheel uitmaakt, zijnde de sub I en II omschreven onroerende goederen tezamen op voormelde kaart aangeduid met de letters A T U S R Q V W B, met uitzondering van een reeds verkocht gedeelte groot driehonderd vijf en vijftig, twaalf/honderdste vierkante meter, op de kaart van de landmeter Lcs. J.O.A. Mans de dato drie en twintig december negentienhonderd drie en negentig aangeduid met de letters D E F G H I, zijnde van het verkochte perceelland een nieuwe kaart vervaardigd door de genoemde landmeter Mans van drie en twintig december negentienhonderd drie en negentig, aangeduid op diens kaart met de letters A B C E F G H I en een oppervlakte beslaande van zevenhonderd tien, drie en zestig/honderdste vierkante meter, gedaan door overschrijving van de akte verkoop en koop, verleden ten overstaan van de kandidaat-notaris, D. Alexander, als waarnemer van notaris G.H.B. Blom, de dato 28 januari 1998 en overgeschreven ten Hypotheek kantore in register C 1375 onder nummers 2602 op 2 februari 1998.
Voorts de doorhaling heeft gelast van de overschrijving van:
- de akte van verkoop en koop, verleden ten overstaan van de te Paramaribo residerende notaris G.H.B. Blom op 3 september 1997, gedaan op 8 september 1997 in register (-1362 onder nummer 2246);
- akte van verkoop en koop, verleden ten overstaan van kandidaat notaris D. Alexander, als waarnemer van notaris mr. G.H.B. Blom op 28 januari 1998, gedaan op 2 februari 1998 in register C-1375 onder nummer 2602;
Tenslotte de doorhaling heeft gelast van de inschrijvingen van:
– de akte van geldlening met hypotheekstelling, verleden op 28 januari 1998 ten overstaan van de te Paramaribo residerende notaris mr. G.H.B. Blom, gedaan op 2 februari 1998 in register B deel 1093 onder nummer 2941;
– de akte van geldlening met hypotheekstelling, verleden op 28 januari 1998 ten overstaan van de te Paramaribo residerende notaris mr. G.H.B. Blom, gedaan op 3 februari 1998 in register B deel 1093 onder nummer 2949;
Gedaagden heeft verwezen in de kosten van dit proces, aan eiseres haar zijde gevallen en tot deze uitspraak begroot op SRD. 20,53;
Het meer of anders gevorderde heeft afgewezen;
Overwegende, dat blijkens hogervermeld proces-verbaal Sunbird Airways N.V. in hoger beroep is gekomen van voormeld eindvonnis van 13 januari 2004;
Overwegende, dat bij exploit van deurwaarder Lilapersad Gangaram Panday no. 508 van 14 december 2005 aan geïntimeerde aanzegging van het ingestelde hoger beroep is gedaan, terwijl uit de ten processe aanwezige stukken blijkt, dat de rechtsdag voor de behandeling der zaak in hoger beroep voor het Hof van Justitie aan partijen is aangezegd;
Overwegende, dat ter terechtzitting van 5 mei 2006 advocaat mr. J.C.P. Nannan Panday zich als gemachtigde van geïntimeerde heeft gesteld;
Overwegende, dat de advokaten van partijen te dienende dage de zaak bij pleidooi nader hebben toegelicht en verdedigd, hebbende de gemachtigden van partijen bij antwoord pleidooi en repliek pleidooi producties overgelegd, wordende de inhoud – alsmede die van de overgelegde producties – hier als ingelast beschouwd;
Overwegende, dat het Hof hierna vonnis in de zaak had bepaald op 4 mei 2007, doch na meerdere malen te hebben aangehouden nader heeft bepaald op heden.
TEN AANZIEN VAN HET RECHT:
Overwegende, dat, naar uit het procesdossier blijkt, tussen appellante (toen als gedaagde sub A) en geïntimeerde (toen als eiser) op 13 januari 2004 in de zaak bekend onder Algemeen Register nummer 983863 door de Kantonrechter in het Eerste Kanton eindvonnis is gewezen en uitgesproken, waarvan het dictum hier als herhaald en ingelast dient te worden beschouwd;
Overwegende, dat, appellante op 22 januari 2004 tegen voormeld vonnis appél heeft aangetekend weshalve moet worden onderzocht of dit appèl tijdig is ingesteld;
Overwegende, dat, artikel 264 van het Wetboek van Burgerlijk Rechtsvordering (Rv) bepaalt dat de termijn voor het instellen van appèl dertig dagen is, gerekend van de dag der uitspraak of, indien de eiser in beroep bij die uitspraak niet tegenwoordig is geweest, van de dag waarop het eindvonnis hem volgens dit wetboek is medegedeeld;
Overwegende, dat, in confesso tussen partijen is dat de appellante als gedaagde in prima niet persoonlijk bij de uitspraak van het bedoeld vonnis aanwezig is geweest en dat daarbij mr. B.A. Halfhide, die volgens dat vonnis als zijn gemachtigde optrad, evenmin tegenwoordig was;
Overwegende, dat, als zijnde niet weersproken, vaststaat dat die uitspraak door de griffier van het kantongerecht in het Eerste Kanton als hiervoor vermeld, bij aangetekende griffiersbrief d.d. 19 maart 2004 overeenkomstig artikel 119 lid 3 Rv. aan appellante is medegedeeld, waardoor de appèltermijn wettelijk is aangevangen op 19 maart 2004 en de vervaldatum daarvan is, 19 april 2004;
Overwegende voorts dat, nu appellante onderhavig appèl op 22 januari 2004 heeft ingesteld, deze handeling is verricht buiten de wettelijk gestelde appèltermijn;
Overwegende, dat, het een gangbare opvatting is dat termijnen, bepaald voor het aanwenden van rechtsmiddelen dwingend van aard zijn;
Overwegende, dat, dwingende voorschriften de strekking hebben de rechtsorde op een zo doelmatig mogelijke wijze te organiseren en dat partijen daarom van die voorschriften niet mogen afwijken;
Overwegende, dat, op grond van hetgeen hiervoor is overwogen, het instellen van het appèl op 22 januari 2004 als een niet-rechtsgeldige proceshandeling moet worden aangemerkt; dat appellante daarin dan ook niet kan worden ontvangen en zij in de proceskosten zal worden veroordeeld;
Overwegende overigens, dat, ook indien appellante het appèl binnen de wettelijke termijn van dertig dagen had ingesteld en uit dien hoofde ontvankelijk was geweest in het door haar ingestelde appèl, dan nog zou haar hoofdzakelijke vordering geen kans van slagen hebben daar uit het overgelegde en niet betwiste uittreksel uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel en Fabrieken d.d. 10 maart 1999 is gebleken dat [naam 3] vanaf 20 april 1994 als directeur van geïntimeerde staat ingeschreven terwijl uit geen enkele aantekening blijkt dat [naam 3] niet meer de functie van directeur bekleedde; dat appellante het tegendeel hiervan niet heeft kunnen aantonen; dat appellante wel heeft aangevoerd dat [naam 2] als directeur van geïntimeerde was aangesteld en dat zij die informatie heeft gehaald uit een uittreksel van de Kamer van Koophandel en Fabrieken, evenwel heeft zij dat niet middels overlegging van een uittreksel van de Kamer van Koophandel en Fabrieken kunnen staven; dat derhalve niet vermag te worden ingezien hoe appellante uitgaat van de goede trouw en de opgewekte schijn dat [naam 2] ten tijde van de koop directeur was van geïntimeerde;
RECHTDOENDE IN HOGER BEROEP:
Verklaart appellante niet ontvankelijk in het door haar ingesteld beroep tegen het vonnis van de Kantonrechter in kortgeding gewezen op 13 januari 2004, waarvan beroep;
Veroordeelt haar in de proceskosten aan de zijde van geïntimeerde gevallen tot dusver begroot op SRD. 150,–;
Met inbegrip van de door het Hof aan haar advocaat voor de door hem gehouden pleidooi toegekend salaris van SRD.150,–;
Bepalende het Hof het salaris van de advocaat van appellante eveneens op SRD.150,–;
Aldus gewezen door de heren: mr. D.D. Sewratan, Fungerend-President, mr. R.G. Rodrigues, Lid en mr. A.A. Hermelijn, Lid-Plaatsvervanger en door de Fungerend-President uitgesproken ter openbare terechtzitting van het Hof van Justitie van Vrijdag, 1 augustus 2008, in tegenwoordigheid van mr. R.R. Brijobhokun, Fungerend-Griffier.
w.g. R.R.Brijobhokun w.g. D.D. Sewratan
Partijen, appellante vertegenwoordigd door advocaat mr. R.C.A. Bleau namens haar gemachtigde, advocaat mr. B.A. Halfhide en geïntimeerde vertegenwoordigd door advocaat mr. D. Moerahoe namens zijn gemachtigde, advocaat mr. J.C.P. Nannan Panday, zijn bij de uitspraak ter terechtzitting verschenen.