Behandeling ‘december strafzaak’ in hoger beroep van 16 december 2022

Op vrijdag 16 december 2022 werd de behandeling van het hoger beroep van de ‘december strafzaak’ tegen de verdachten Bouterse, Dendoe, Dijksteel, Gefferie en Brondenstein voortgezet. De verdachten Bouterse en Brondenstein waren afwezig op deze zitting wegens gezondheidsredenen. De verdachten werden bijgestaan door hun advocaat I. Kanhai BSc.

De kamer bestond uit kamerpresident, mr. D. Sewratan en de leden mr. A. Charan en Kolonel D. Kamperveen. Als waarnemend Procureur-Generaal was mr. C. Rasam aanwezig.

Door advocaat Kanhai is na de aanvang van de zitting het lid van de kamer, Kolonel Kamperveen, gewraakt. De advocaat voerde als grond voor de wraking aan dat Kamperveen een familieverband heeft met één van de slachtoffers. De advocaat voerde voorts aan dat door het gewraakte lid tijdens de descente slechts vragen zijn gesteld over dat betreffende slachtoffer. Om die reden is volgens de advocaat de onpartijdige behandeling van de zaak door het lid niet gewaarborgd.

Hierna is door het Hof aan de aanwezigen medegedeeld dat de zaak wordt geschorst in verband met de wraking, totdat op de wraking is beslist. De beslissing over de wraking zal worden genomen door de hofkamer met dien verstande dat de gewraakte rechter zal worden vervangen door een andere daartoe door de President van het Hof aangewezen rechter.

De zaak is uitgesteld naar een nader te bepalen datum.

Lees ook het vorige bericht: https://rechtspraak.sr/actualiteiten/descente-in-de-december-strafzaak-op-29-november-2022/

 

Paramaribo, 28 december 2022

Communicatie Unit Hof van Justitie


 

Beleefdheidsbezoek Franc Weerwind aan de President van het Hof van Justitie Suriname

27 december 2022

Op dinsdag 20 december 2022 heeft de Nederlandse Minister van Rechtsbescherming, dhr. Franciscus (Franc) Weerwind, met functionarissen van zijn departement een beleefdheidsbezoek gebracht aan de President van het Hof van Justitie, mr. Iwan Rasoelbaks.

De ontmoeting vond plaats in de zittingszaal van het Hof van Justitie. Bij de ontmoeting waren vanuit het Hof tevens aanwezig de directeur Bedrijfsvoering, dhr. Jules de Rijp en het managementteam van het Hof van Justitie. Verder was aanwezig de minister van Justitie en Politie, dhr. Kenneth Amoksi, en directie en stafleden van zijn departement.

V.l.n.r. dhr. Franc Weerwind, mr. Iwan Rasoelbaks en dhr. Kenneth Amoksi

Behalve kennismaking diende de bijeenkomst ook om over de mogelijkheden van samenwerking op het gebied van rechtsbescherming en rechtszekerheid van gedachten te wisselen. De verschillende projecten ten behoeve van de rechterlijke organisatie zijn daarbij ook aan de orde gekomen. Door het Hof is aangegeven op welke wijze de verschillende projecten, zoals het project “wegschrijven achterstanden”, het project “digitalisering van het zaaksregistratiesysteem”, het project “decentralisatie van de rechtspraak” en de projecten die worden gefinancierd uit het EU fonds, ervoor zorgdragen dat de rechtspraak steeds verder aan verbetering kan werken, waardoor de rechtsbescherming en rechtszekerheid gewaarborgd zijn.

De Nederlandse Minister was tot 22 december 2022 op werkbezoek in Suriname.


 

Behandeling kort geding inzake staking personeel AZP op 5 december 2022

Op maandag 5 december 2022 is door de kortgedingrechter mr. I. Sonai een comparitie van partijen gehouden in de zaak met betrekking tot de staking van de Algemene Bond van Personeel in dienst van het Academisch Ziekenhuis Paramaribo (ABPLAZ). De comparitie is op verzoek van het Academisch Ziekenhuis Paramaribo (AZP) vervroegd gehouden vanwege de staking. De comparitie was eigenlijk gepland voor 8 december 2022.

Op de zitting waren namens de bond aanwezig advocaat, mr. G. van der San en de voorzitter van de bond, L. Pool. Namens het AZP waren aanwezig de advocaat, mr. S. Essed en de medisch directeur, drs. L. Liauw Kie Fa. De advocaat van de Staat, mr. C. Lachman, en de vertegenwoordigers van de Staat waren verhinderd aanwezig te zijn op de comparitie. Door de advocaat van de Staat is daarover een schrijven gestuurd, waarin ook informatie is gegeven over de stand van zaken met betrekking tot , onder andere, de loonsverhoging.

Tijdens de comparitie van partijen is de afspraak gemaakt dat de acties worden opgeheven. Op 20 december 2022 vindt de voorzetting van de comparitie van partijen plaats om 09:00u. v.m.

Lees ook het vorige bericht: https://rechtspraak.sr/actualiteiten/behandeling-kort-geding-inzake-staking-personeel-azp-van-7-september-2022/

 

Paramaribo, 14 december 2022

Communicatie Unit Hof van Justitie


 

Behandeling hoger beroep strafzaak verdachten Angnoe en Hausil op 5 december 2022

Op 5 december 2022 heeft de vervolgbehandeling van de strafzaken in hoger beroep van de verdachten A. Angnoe en F. Hausil plaatsgevonden. Tijdens deze terechtzitting zijn de verdachten verhoord. Het Hof bestond uit de kamerpresident mr. A. Charan en de leden mr. D. Nanhoe en mr. S. Punwasi.

De vragen werden gesteld door de kamerpresident Charan en de waarnemend Procureur-Generaal, mr. S. Mahadew. Ook de advocaten van de verdachten kregen de gelegenheid om vragen te stellen. Verdachte Angnoe werd bijgestaan door mr. B. Pick en I. Kanhai BSc en verdachte Hausil werd bijgestaan door mr. M. Dubois.

Na het verhoor van Hausil en Angnoe werd de zaak uitgesteld naar de zitting van maandag 6 februari 2023 om 09.00 uur. Op die zitting zal de waarnemend Procureur-Generaal het requisitoir houden.

Lees ook het vorige bericht: https://rechtspraak.sr/actualiteiten/behandeling-hoger-beroep-strafzaak-van-trikt-e-a-van-17-oktober-2022/

 

Paramaribo, 14 december 2022

Communicatie Unit Hof van Justitie


 

Behandeling strafzaak verdachten Mixon, Gambier en Chin Chi Fong van 2 december 2022

Op vrijdag 2 december 2022 is de strafzaak van de verdachten J. Mixon, J. Chin Chi Fong en R. Gambier in behandeling genomen door de kantonrechter mr. L. Ravenberg.

De verdachte Mixon werd bijgestaan door de advocaten mr. C. Algoe, mr. R. Lobo, mr. M. Nibte en I. Kanhai BSc. De verdachte Chin Chi Fong werd bijgestaan door mr. M. Dubois en mr. D. Veira en de verdachte Gambier door mr. B. Pick en mr. D. Veira.

De Officier van Justitie in deze zaak is mr. R. Rathipal. De strafbare feiten die ten laste zijn gelegd zijn valsheid in geschrifte en money laundering.

De advocaten van Mixon en Chin Chi Fong deden een verzoek om de voorlopige hechtenis op te schorten en de verdachten in vrijheid te stellen. Nadat mr. Rathipal in de gelegenheid is gesteld om op het verzoek te reageren is het verzoek afgewezen door de kantonrechter waarbij de kantonrechter overwoog dat er nog ernstige bezwaren tegen de verdachten bestaan.

De Officier van Justitie heeft aangegeven op de volgende zitting getuigen te willen horen. Ook de advocaat van verdachte Chin Chi Fong, mr. M. Dubois, heeft aangegeven getuigen te willen horen.

De zaak is hierna uitgesteld naar 3 januari 2023. Op die dag zal de tenlastelegging aan de verdachten worden voorgehouden en zullen getuigen worden gehoord.

 

Paramaribo, 14 december 2022

Communicatie Unit Hof van Justitie


 

Uitspraak kort geding schuldeiser AELF tegen SLM

Op donderdag 24 november 2022 heeft de kortgedingrechter mr. S.J.S. Bradley, vonnis gewezen in de zaak die een schuldeiser van de Surinaamse Luchtvaart Maatschappij (SLM), het Amerikaans bedrijf AELF MSN, 224 LLC (AELF) had aangespannen tegen de SLM, de directeur van de SLM en de leden van de Raad van Commissarissen (RvC) van de SLM.

AELF werd in dit kort geding bijgestaan door mr. R. Tjon-A-Joe en de SLM door mr. G. Sewcharan.

AELF vorderde van de SLM, de directeur en de leden van de RvC onder andere dat het herstructureringsplan wordt stopgezet en dat de SLM haar schuld aan het bedrijf voldoet.

AELF heeft aangevoerd dat de SLM onrechtmatig jegens haar handelt door willens en wetens na te laten de betalingsverplichtingen aan AELF te voldoen, voorts door handelingen te plegen die bedoeld zijn om AELF verhaalsmogelijkheden te ontnemen, verder door de uitspraak van de Engelse rechter te negeren en door willens en wetens een schikkings- en betalingsregeling niet na te komen.

AELF stelt voorts dat ook de directeur en de leden van de RvC onrechtmatig jegens haar handelen, onder andere door te bewerkstelligen dat de SLM handelingen verricht die bedoeld zijn om AELF verhaalsmogelijkheden te ontnemen.

De SLM, de directeur en de leden van de RvC hebben tegen de vordering verweer gevoerd. Daarbij hebben zij onder andere aangevoerd dat AELF en de SLM bij het aangaan van de overeenkomst hebben gekozen voor het Engels recht in geval van geschillen. Ook hebben zij aangevoerd dat AELF de directeur en de leden van de Raad van Commissarissen niet in persoon moest betrekken in het geding. Verder dat het herstructureringsplan niet bedoeld is om AELF verhaalsmogelijkheden te ontnemen.

De kortgedingrechter heeft in haar oordeel de stellingen en weren van partijen met betrekking tot de rechtzaak die liep voor de Engelse rechter besproken en geoordeeld dat in de zaak die voor de Engelse rechter liep slechts AELF en de SLM partij waren. Om die reden had AELF in dit kort geding de directeur en de leden van de RvC niet moeten betrekken als partij. AELF is om die reden niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering tegen de directeur en de leden van de RvC van de SLM.

Met betrekking tot de vordering van AELF tegen de SLM heeft de kortgedingrechter geoordeeld dat AELF onvoldoende heeft onderbouwd dat de SLM onrechtmatig jegens haar handelt, met name, zo overweegt de kantonrechter, is onvoldoende onderbouwd dat door de SLM handelingen worden gepleegd die bedoeld zijn om AELF verhaalsmogelijkheden te ontnemen. De vordering tegen de SLM is afgewezen.

Lees ook het vorige bericht: https://rechtspraak.sr/actualiteiten/behandeling-kort-geding-schuldeiser-aelf-tegen-slm/

 

Paramaribo, 14 december 2022

Communicatie Unit Hof van Justitie


 

Beëdiging notaris en kandidaat-notarissen

6 december 2022

Op maandag 28 november 2022 hebben in de zittingszaal van het Hof van Justitie twee beëdigingen, afzonderlijk, plaatsgevonden. Margriet Apinsa is beëdigd tot notaris en Raveena Baldew en Stephanie Ramautar zijn beëdigd tot kandidaat-notaris. De beëdigingen werden onder andere bijgewoond door de voorzitter van de Surinaamse Notariële Beroepsorganisatie (SNB), mr. Dewnarain Kalisingh, de Deken van de Surinaamse Orde van Advocaten (SOVA), mr. Elleson Fraenk, de patronen, familie en vrienden van de beëdigden.

mr. Margriet Apinsa tijdens de beëdiging tot notaris

Bij de beëdiging van Apinsa tot notaris zei de waarnemend Procureur-Generaal, mr. Garcia Paragsingh, het volgende; ‘Laat u zich bij uw beroepsuitoefening leiden door de belofte die u vandaag hebt afgelegd en onthoudt u zich van enig handelen of nalaten dat een behoorlijk notaris betaamt. U bent voor de cliënt een juridisch adviseur. Als onafhankelijke functionaris weegt u de belangen van alle betrokkenen af. U zorgt ervoor dat cliënten hun zaken goed regelen en weten waar zij aan toe zijn.’

mr. Raveena Baldew tijdens de beëdiging tot kandidaat-notaris

De voorzitter van de SNB liet zich in zijn toespraak bij de beëdiging van de kandidaat-notarissen als volgt uit; ‘Als Voorzitter van de beroepsorganisatie is het natuurlijk ook mijn taak u te wijzen op de verantwoordelijkheden, de wettelijke verplichtingen en aansprakelijkheden waaraan u onderworpen bent als kandidaat-notaris met waarnemingsbevoegdheid. Als openbaar ambtenaar zal je de belangen van de rechtsstaat en de burgers dienen. Een belangrijke voorwaarde van de ambtsbediening van de kandidaat-notaris met waarnemingsbevoegdheid is zorg te dragen voor de eer en het aanzien van het ambt. Namens de SNB druk ik u op het hart om de waardigheid van het ambt hoog te houden door altijd zorgvuldig, onafhankelijk en onpartijdig de belangen van de burger te behartigen. Ik moet u erop wijzen dat de tucht en strafbepalingen in de wet notarisambt ook op u van toepassing zullen zijn.’

mr. Stephanie Ramautar tijdens de beëdiging tot kandidaat-notaris

Apinsa gaf aan zich ervan bewust te zijn dat deze mijlpaal ook bijzondere verantwoordelijkheid met zich meebrengt en dat zij als notaris daarin een verschil mag maken zodat zij het fenomeen van verantwoordelijkheid nemen als onderdeel van haar nalatenschap kan nalaten en de totale gemeenschap deelgenoot kan zijn van haar boedel. Volgens Baldew is het een uitdaging om het juiste evenwicht te vinden tussen wetten en reglementen en de belangen van cliënten optimaal behartigen. Ramautar zei in haar speech dat het beroep met integriteit en eer uitgeoefend moet worden. Beide beëdigden gaven aan dat zorgvuldigheid en nauwkeurigheid is vereist bij de uitoefening van dit ambt. Ze brachten dank uit aan hun familie en de SNB voor de ondersteuning.

Na afloop werden de felicitaties aan de beëdigden door het Hof en de aanwezigen uitgebracht.


 

Descente in de ‘december strafzaak’ op 29 november 2022

Op 29 november 2022 is een gerechtelijke plaatsopneming, ook wel een descente genoemd, gehouden in het Fort Zeelandia in de ‘december strafzaak’ in hoger beroep. De verdachten Bouterse, Dijksteel, Dendoe en Gefferie waren aanwezig. Verdachte Brondenstein was afwezig vanwege gezondheidsredenen.

Door de waarnemend Procureur-Generaal mr. C. Rasam zijn de getuigen R. Chotkan, J. Djojoatmo, O. Flohr en B. Jankipersadsingh opgeroepen. Getuige R. Chotkan was niet aanwezig. Voor de advocaat van de verdachten, I.D. Kanhai BSc., werd waargenomen door advocaat mr. A. Kanhai.

Aan de getuigen werden vragen gesteld door de waarnemend Procureur-Generaal, de leden van het Hof, de advocaat van de verdachten alsook de verdachten.

Vervolgens werden in de verscheidene ruimten van het Fort Zeelandia aanwijzingen gedaan door de getuigen.

Door het Hof is de volgende zittingsdag bepaald op vrijdag 16 december 2022 om 09:00 uur. Op die dag zal er een nader verhoor worden afgenomen van de verdachten.

Lees ook het vorige bericht: https://rechtspraak.sr/actualiteiten/de-zitting-van-de-december-strafzaak-van-31-oktober-2022/

 

Paramaribo, 6 december 2022

Communicatie Unit Hof van Justitie


 

Behandeling hoger beroep strafzaak R. Oedit op 28 november 2022

Op 28 november 2022 is de behandeling in hoger beroep van de strafzaak tegen de verdachte R. Oedit voortgezet. Het Hof bestond tijdens deze behandeling uit kamerpresident mr. M. Mettendaf en de leden mr. D. Nanhoe en mr. L. Ravenberg. Ravenberg nam waar voor mr. S. Punwasi die afwezig was vanwege andere werkgerelateerde verplichtingen. De verdachte en zijn advocaat, mr. R. Lobo, stemden ermee in dat de behandeling normaal voortgang vond ondanks de afwezigheid van het lid Punwasi.

In behandeling was het formeel verweer dat door de waarnemend Procureur-Generaal, mr. S. Mahadew, is opgeworpen, namelijk dat het Hof de zaak tegen de verdachte niet in behandeling kan nemen. Het formeel verweer komt hierop neer dat de verdachte in eerste aanleg bij verstek is veroordeeld en dat het daarop aangetekende verzet door de kantonrechter vervallen is verklaard. Hierdoor kan de zaak niet meer door het Hof worden behandeld.

De waarnemend Procureur-Generaal heeft met betrekking tot dat verweerpunt het repliekpleidooi gehouden en de advocaat van de verdachte het dupliekpleidooi.

De advocaat voerde in zijn dupliekpleidooi aan dat de verdachte recht heeft op een eerlijk proces. Hij stelde daarbij dat de verdachte, die eerder niet aanwezig was tijdens de behandeling van de zaak in eerste aanleg, nu aanwezig is op de zitting. De advocaat verwees naar internationale verdragen. Hij vroeg aan het Hof om de zaak in behandeling te nemen.

Op maandag 9 januari 2023 om 13:00 uur zal het Hof uitspraak doen op het formeel verweer van de waarnemend Procureur-Generaal.

Lees ook het vorige bericht: https://rechtspraak.sr/actualiteiten/behandeling-hoger-beroep-strafzaak-r-oedit-op-17-oktober-2022/

 

Paramaribo, 5 december 2022

Communicatie Unit Hof van Justitie


 

Kortgeding zaak voetbalverenigingen tegen de SVB

Op 10 november 2022 is er vonnis gewezen in het kortgeding dat een tiental voetbalverenigingen tegen de Surinaamse Voetbal Bond (SVB) had aangespannen. De voetbalverenigingen vorderden dat het de SVB verboden wordt om op vrijdag 21 oktober 2022 een buitengewone Algemene Leden Vergadering (ALV) te beleggen op straffe van een dwangsom. Verder zou de SVB de ledenlijst aan de voetbalverenigingen moeten overhandigen.

Aan deze vordering is voorafgegaan dat de voetbalverenigingen bij het bestuur van de SVB een ALV hadden aangevraagd. Dat verzoek is niet door het bestuur van SVB ingewilligd. Daarop volgde een vertrouwenscrisis over welke crisis een schrijven is gestuurd naar de Fédération Internationale de Football Association (FIFA) en de Confederation of North, Central American and Caribbean Association Football (CONCACAF). Door de FIFA en de CONCACAF zijn aanbevelingen gedaan. Hierna is het vertrouwen niet hersteld.

De ALV die door het bestuur van de SVB was uitgeschreven maakt onderdeel uit van deze aanbevelingen. Volgens de voetbalverenigingen is de SVB onbevoegd om een ALV uit te schrijven omdat het bestuur demissionair zou zijn en in strijd handelt met de statuten en het huishoudelijk reglement van de SVB.

De kantonrechter heeft overwogen dat de vordering tegen de SVB zelf is ingesteld, waardoor de vraag of het bestuur van de SVB al dan niet demissionair is en daardoor niet bevoegd is de ALV uit te schrijven, niet aan de orde komt.

Over de te houden ALV die door het bestuur is uitgeschreven heeft de kantonrechter geoordeeld dat deze voortgang kan hebben daar de ALV is aanbevolen door de FIFA en CONCACAF. In hun correspondentie hebben de FIFA en de CONCACAF verwezen naar hun statutaire bepalingen, waar ook de SVB aan onderworpen is. Op grond van het voorgaande heeft de kantonrechter de vordering van de voetbalverenigingen afgewezen.

 

Paramaribo, 5 december 2022

Communicatie Unit Hof van Justitie